<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>Zeeland Geboekt</title>
	<atom:link href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Sun, 20 May 2012 09:32:07 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.org/?v=</generator>
		<item>
		<title>Het Nederlands Viskookboek</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/het-nederlands-viskookboek/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/het-nederlands-viskookboek/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 19 May 2012 09:56:53 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Kookboeken]]></category>
		<category><![CDATA[Proza]]></category>
		<category><![CDATA[Bart van Olphen]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=3000</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>Zo&#8217;n blonde knul, die als een soort Pietje Bel het stoere vissersvolk belaagt. Die bovendien een lans breekt voor duurzame visserij &#8211; dus geen omgeploegde zeebodems en geen kotters die uitpuilende netten met vissen ophalen waarvan we al lang weten &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/het-nederlands-viskookboek/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishcover2.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-3001" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishcover2-211x300.jpg" alt="" width="211" height="300" /></a>Zo&#8217;n blonde knul, die als een soort Pietje Bel het stoere vissersvolk belaagt. Die bovendien een lans breekt voor duurzame visserij &#8211; dus geen omgeploegde zeebodems en geen kotters die uitpuilende netten met vissen ophalen waarvan we al lang weten dat ze met uitsterven worden bedreigd. Zo&#8217;n man dus. Die ook nog eens een Fishes-winkelketen heeft opgezet die alleen vis in de schappen heeft waaraan geen luchtje zit. We hebben het over Bart van Olphen. In visserij- en restaurantkringen heeft hij zijn naam gevestigd. Afgelopen maand publiceerde hij <em>Het Nederlands Viskookboek.</em> Daarvoor reisde hij ook af naar Zeeland, om vanuit Yerseke en Bergen op Zoom, en ook vanaf Neeltje Jans, smakelijk leven boven water te halen.</p>
<p><span id="more-3000"></span></p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishmossels.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-3002" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishmossels-199x300.jpg" alt="" width="199" height="300" /></a>Ik had er een knipoog bij verwacht. Maar het bericht van de Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek (CPNB) was bloedserieus. <em>Het Nederlands Viskookboek </em>werd begin deze maand uitgeroepen tot het beste informatieve boek van het jaar 2012. Je kunt maar ergens een prijs voor geven. Informatief is het boek zeker. Met ruim zestig recepten die voor de liefhebbers zeker vaak simpel en verrassend zullen zijn. Maar om een boek daarmee meteen tot het &#8216;beste informatieve&#8217; uit te roepen, vind ik nogal ruim bemeten. De sfeerverhalen met vissers zijn niet onaardig, maar slechts indirect informatief. De vele foto&#8217;s van Jaap van Rijn zijn van hoge kwaliteit. De hoofdstukjes achterin over keukengerei en basissauzen en ingrediënten zijn aardig maar ook niet uitputtend informatief. De lijst met verkoopadressen van duurzame vis heeft een hoog Fishes-gehalte. Kan best kloppen, maar enige terughoudendheid lijkt me op zijn plaats.</p>
<p>Vandaar mijn conclusie: ik vind het boek meer sympathiek dan informatief. Want ja, een beetje extra aandacht voor onze leefomgeving, wie kan daar nou tegen zijn?</p>
<p>************************************</p>
<p>In de PZC van zaterdag 19 mei 2012 schreef ik het volgende:</p>
<p><strong>Zeeuwse vis lekker duurzaam</strong></p>
<p>door Jan van Damme</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishkreeft.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-3003" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishkreeft-300x193.jpg" alt="" width="300" height="193" /></a>Vis van dichtbij is lekker. En duurzaam. Ik weet niet welke volgorde visverkoper Bart van Olphen zou kiezen. De eigenaar van de succesvolle Fishes-winkelketen – vestigingen in Amsterdam en Utrecht – schreef een boek over Nederlandse vis, vissers en visrecepten. Zeeland komt ruim aan bod. Maar dat kan ook moeilijk anders.</p>
<p>Eerder deze maand kreeg Bart van Olphen voor zijn viskookboek de Gouden Tulp  voor het beste informatieve boek van het jaar uitgereikt. De prijs is een initiatief van de CPNB – Collectieve Propaganda van het Nederlandse Boek – en bestaat uit een sculptuur en een bedrag van 10.000 euro.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishhengels.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-3004" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishhengels-198x300.jpg" alt="" width="198" height="300" /></a>Misschien is de prijs dit jaar toegekend aan het sympathiekste, en niet aan het meest informatieve boek. Dat wil zeggen: afgezien van de voor visliefhebbers bijzonder smakelijk gepresenteerde bereidingswijzen, is de informatie summier. Elk hoofdstuk wordt ingeleid met een ter plaatse opgetekende reportage met een stel vissers. Sfeervol, zeker, maar wie harde gegevens over de visserij wenst zoekt tevergeefs. Achterin komen koks wel aan hun trekken, met aparte hoofdstukjes over sauzen, visverwerking (schoonmaken, fileren en ontvellen), speciaal keukengereedschap en ingrediënten voor de recepten.</p>
<p>Het boek is vooral ook een overweldigend beeldverhaal, met foto’s van Jaap van Rijn. Hij trof de vissers in hun element, en wist ook dat wat zij vangen in een later stadium &#8211; bereid en klaargemaakt op tafel – aantrekkelijk te presenteren.</p>
<p>Waarom het boek in eerste instantie sympathiek is? Omdat het geschreven is door Bart van Olphen (41). Hij begon in 2002 met de viswinkelketen Fishes, die zich toelegt op de verkoop van milieubewust gevangen vis. Dat wil zeggen: geen tonijn, geen kweekzalm, maar wel kreeft uit de Oosterschelde. Vis is voor hem duurzaam, als er voldoende exemplaren blijven zwemmen voor de voortplanting, als het bodemleven niet wordt aangetast en de bijvangst beperkt wordt, en als de vissers een duidelijke vangstboekhouding hebben.<br />
Van Olphen kreeg in 2007 als eerste visondernemer op het Europese vasteland het zogenaamde MSC-certificaat &#8211; het Marine Steward Council is een onafhankelijk instituut, dat probeert overbevissing tegen te gaan. In het voorwoord van zijn boek zegt hij daarover: ,,Fishes werd vanaf dat moment als een serieus merk beschouwd dat de consument het vertrouwen gaf goede vis te consumeren zonder het zeeleven schade te berokkenen. Fishes fungeerde als een brug tussen de consument en de visser.’’</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishoesterput.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-3005" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/fishoesterput-300x200.jpg" alt="" width="300" height="200" /></a>Die brugfunctie kan ook aan zijn nieuwste boek worden toegeschreven. Elk hoofdstuk begint met een kennismaking met de vissers, daarna volgen de recepten. In Zeeland heeft Van Olphen duurzame beroepsvissers opgezocht in Yerseke, op Neeltje Jans en – op de grens – in Bergen op Zoom. Hij vaart mee met mosselvisser Wim Witkam op de Yerseke 24, dineert in een oesterput met mossel- en oestervisser Joop Paauwe en Danny de Voogd van restaurant De Branding, leegt kreeftenkorven met Jan Zoetewei en Wim Pekaar, en waadt door een fuik met de ansjovissers Corné van Dort en Henk van Schilt. Tenslotte gaat hij vanaf Neeltje Jans mee op zeebaarzenvangst. Met Freddy Klapwijk en Nol van Gastel werpt hij bij enkele wrakken in de Noordzee een lijntje uit.</p>
<p><em>Bart van Olphen: Het Nederlands Viskookboek, Verantwoord lekkerbekken met vis van dichtbij en stoere vissersverhalen – Uitgeverij Carrera, 322 pagina’s, 29,95 euro.</em></p>
<p><em>******************************</em></p>
<p>Aanvulling: volgens de info achterop staan er in het boek  zestig recepten &#8211; ik heb ze niet nageteld. Recepten voor mossels, oesters, zeebaars, ansjovis, makreel, kreeft - als het over de Zeeuwse hoofdstukken gaat. Van Olphen bezocht ook Scheveningen, Den Oever, Urk, Hindeloopen en Lauwersoog. In het kielzog van de vissers daar levert hij recepten voor de bereiding van tong, schar, haring, pijlinktvis, Hollandse garnalen, spiering, Noordzeekrab, schol, snoekbaars, brasem, bot, harder en kokkels. Met veel mooi gefotografeerde gerechten. Eén citaat, van spieringvisser Hein Boersen in Den Oever: ,,Vis moet je niet in het water gooien, daar komt hij net uit! Vis hoort met z&#8217;n koppie in de boerenboter.&#8221;</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/het-nederlands-viskookboek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Schrijverscorner 28</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-28/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-28/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 18 May 2012 05:07:32 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Proza]]></category>
		<category><![CDATA[Schrijverscorner]]></category>
		<category><![CDATA[Paul van der Velde]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2992</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>  Paul van der Velde (foto Lex de Meester) woont in Nederland maar bivakkeert in elk geval in gedachten vaak in wat we nog steeds de Oost mogen noemen. Voor deze 28ste Schrijverscorner levert hij een artikel, dat verscheen in &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-28/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p> <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/veldelex.jpg.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2995" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/veldelex.jpg-300x200.jpg" alt="" width="300" height="200" /></a></p>
<p>Paul van der Velde (foto Lex de Meester) woont in Nederland maar bivakkeert in elk geval in gedachten vaak in wat we nog steeds de Oost mogen noemen. Voor deze 28ste Schrijverscorner levert hij een artikel, dat verscheen in het jongste nummer van het kwartaaltijdschrift Aziatische Kunst. Hij schetst een mooi, uitgebreid portret van de Mooi Indië-schilder Willem Imandt (1882-1967), over wie hij binnenkort een monografie zal publiceren.</p>
<p><span id="more-2992"></span></p>
<p>Onder het artikel in het tijdschrift staat de volgende biografie: ,,Dr. Paul van der Velde (1955) studeerde sinologie en geschiedenis in Leiden en Kunstgeschiedenis van Oost-Azië te Amsterdam. Hij schreef onder andere <em>Een Indische </em><em>liefde: P.J. Veth (1814-1895) en de inburgering van Nederlands Indië </em>(2000) en <em>Wie </em><em>onder Palmen leeft: De sublieme wereld van Jacob Haafner </em>(2008). Van der Velde is Chief Executive Officer van de International Convention of Asia Scholars (ICAS). Voor meer informatie: <a href="http://www.paulvandervelde.nl">www.paulvandervelde.nl.&#8221;</a></p>
<p>Maar er valt meer over Van der Velde te melden. Hij is hoofdredacteur van het Zeeuws Tijdschrift en is initiatiefnemer van de Zeeuwse Boekenprijs, die dit jaar voor de tiende keer wordt toegekend. In 2010 gaf hij een lezing, die in de PZC zo werd aangekondigd: ,,W.J.F. Imandt (1882-1967) is een Zeeuwse vertegenwoordiger van de &#8216;Mooi-Indiëkunst&#8217;: werk van buitenlandse kunstenaars die in Indië woonden en hun romantische visie op het koloniale gebied weergaven. Paul van der Velde verdiepte zich in zijn leven en werk, schreef een monografie over hem en geeft morgen, op uitnodiging van de Oudheidkundige Kring De Vier Ambachten, een lezing over Imandt. De interesse van Van der Velde werd in de jaren negentig gewekt. Hij werd getroffen door het omslag van een boek over Indische schilderkunst, met daarop een waringin (treurvijg). ,,Boven de boom was een blauwe lucht afgebeeld die voor mij heel Zeeuws aanvoelde&#8221;, zegt Van der Velde. Toen hij opzocht wie de maker van het schilderij was en wat meer informatie over hem vond, merkte hij tot zijn verbazing dat Imandt net als hijzelf geboren is in Sint Jansteen. Het was het begin van een nadere studie naar deze &#8216;Steense Rat&#8217;, die in 1908 naar Indonesië ging om daar te werken als tekenleraar en kunstenaar. Hij verbleef er, met een onderbreking van 1928 tot 1935, tot na de Wereldoorlog. Daarna vestigde hij zich in Den Haag. De Mooi-Indiëschilders werden in de kunstwereld niet echt serieus genomen, zegt Van der Velde. ,,Ze zijn altijd weggezet als mensen die alleen maar toeristisch werkten en geen academische opleiding hadden. Deze schilders werden overal buiten gelaten. Ik wilde kijken of ze nu echt zo slecht waren. Dat is bij Imandt zeker niet het geval. In zijn schilderijen heeft hij vanaf de jaren twintig een heel duidelijke eigen signatuur ontwikkeld. Ik vind hem van de Mooi-Indiëschilders de beste.&#8221; Van der Velde heeft een monografie over Imandt geschreven, die volgend jaar verschijnt bij het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde in Leiden. Hij hoopt ook een expositie te kunnen realiseren, bijvoorbeeld in het Muzeeum in Vlissingen.&#8221;</p>
<p>**************************************</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/imandtwaringin.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2994" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/imandtwaringin-300x247.jpg" alt="" width="300" height="247" /></a></p>
<p>Afbeelding: Willem Imandt, Waringin, olieverf op doek, 90 x 105 cm., circa 1923. Volgens de overlevering zouden de figuren door Isaac Israëls zijn geschilderd die in 1923 dikwijls bij Imandt op bezoek kwam.</p>
<p><strong>IMANDT EN MOOI INDIË VOORBIJ</strong></p>
<p><em>‘Wie Indië Schilderen wil, moet er lang blijven’</em>1</p>
<p>In dit artikel zal tegen de achtergrond van opvattingen over de schilderkunst<br />
in Nederlands-Indië in de eerste helft van de 20e eeuw de kunstenaar<br />
W.J.F. Imandt (1882-1967) die er ruim 20 jaar woonde, voor het voetlicht<br />
worden gebracht. Ik hoop erin aan te tonen dat de zogenoemde ‘Mooi Indië’/<br />
Indische schilderkunst ten onrechte door kunsthistorici op het terrein van<br />
kunst in Indonesië in de eerste helft van de 20e eeuw is genegeerd en<br />
gedenigreerd. Iedereen die niet in hun canon van academisch opgeleide<br />
kunstenaars viel, werd onder de noemer Mooi Indië geschoven en afgedaan.<br />
Dat geldt ook voor Imandt, over wie nauwelijks iets bekend was. Gelukkig is<br />
er veel werk van hem in privécollecties bewaard gebleven. Het biedt inzicht<br />
in zijn schilderkunstige ontwikkeling waarin de Mooi Indië stijl sec een korte<br />
periode beslaat en niets te maken heeft met het containerbegrip dat van Mooi<br />
Indië is gemaakt. Mijn onderzoek naar Willem Imandt zal binnen afzienbare<br />
tijd uitmonden in een monografie.</p>
<p><strong>Toenemende belangstelling</strong></p>
<p>De hoeveelheid publicaties over beeldende kunst in Nederlands-Indië houdt<br />
meer dan gelijke tred met de sinds eind jaren 1980 toegenomen belangstelling<br />
voor buitenlandse kunstenaars die in Indonesië hebben gewerkt. Die interesse<br />
wordt gevoed door welvarende Indonesiërs die de doeken van Westerse<br />
schilders uit de koloniale tijd zijn gaan waarderen. De veilingwereld heeft er<br />
op ingespeeld met veilingen van ‘Indonesische’ kunst, en galerieën in Indonesië<br />
exposeren regelmatig schilderijen die uit de koloniale tijd stammen.<br />
In het land van de voormalige kolonisator is die interesse, gedreven door de<br />
oud-Indiëgangers, nooit helemaal weg geweest en heeft de laatste 20 jaar<br />
zelfs een grote vlucht genomen. Ook de Nederlandse musea werden actief en<br />
hun perspectief verschoof van het koloniale naar dat van wederzijdse<br />
culturele beïnvloeding. Grensverleggend in dat opzicht was de tentoonstelling<br />
Indië Omlijst. Vier eeuwen schilderkunst in Nederlands-Indië in het Tropenmuseum<br />
(1998), die een omslagpunt in die wederzijdse appreciatie markeerde,<br />
waarvan de contouren overigens vanaf begin jaren 1960 zichtbaar werden.</p>
<p><strong>Hernieuwde appreciatie</strong></p>
<p>Die appreciatie kwam tot uitdrukking in de monumentale vijfdelige uitgave<br />
<em>Paintings and Statues from the Collection of President Sukarno of the Republic of Indonesia</em> (1964). Centraal staat het werk van Indonesische kunstenaars,<br />
maar Westerse kunstenaars ontbreken niet. Imandt bijvoorbeeld is met vijf<br />
werken goed in die collectie vertegenwoordigd. De uitgave kan gezien worden als de klaroenstoot tot de herleving van de belangstelling voor in Indonesië<br />
gemaakte schilderkunst. In 1967 verscheen <em>Pictures of the Tropics </em>van de hand van J.H. Maronier, waarin Nederlands-Indië centraal staat. Een jaar<br />
later verscheen het baanbrekende werk van J. de Loos-Haaxman, Verlaat<br />
Rapport Indië. Drie eeuwen Westerse schilders, tekenaars, grafici, zilversmeden<br />
en kunstnijveren in Nederlands-Indië. De Loos-Haaxman was door haar werk<br />
als conservator van de Bataviasche Kunstkring tijdgenoot van Imandt, en zij<br />
noemt hem als eerste in een opsomming van Nederlandse kunstenaars in<br />
Indië omdat hij in de jaren 1920 de bekendste schilder op Java was.2<br />
Tien jaar later verscheen de klassieker van J. Bastin en B. Brommer,<br />
Nineteenth century prints and illustrated books of Indonesia (1979). In 1995<br />
gaven de kunsthandelaren L. Haks en G. Maris het handige Lexicon of<br />
Foreign Artists who visualized Indonesia (1600-1950) uit dat een overzicht<br />
biedt van de meer dan 3000 buitenlandse beeldende kunstenaars die in<br />
Indonesië werkzaam zijn geweest. Het rijk geïllustreerde werk bevat meer dan<br />
600 afbeeldingen die een gevarieerd beeld geven van meer dan drie eeuwen<br />
schilderen en tekenen in de Archipel.</p>
<p><strong>Canonisatie</strong><br />
Drie jaar later verscheen de publicatie Indië Omlijst (1998), met een inventarisatielijst<br />
van meer dan 400 olieverfschilderijen uit het Tropenmuseum.<br />
Voor het overige zijn er de laatste 20 jaar monografieën van sterk wisselende<br />
kwaliteit verschenen over kunstenaars die in de eerste helft van de 20e eeuw<br />
in Nederlands-Indië werkten, maar die geen van allen Mooi Indië schilders<br />
waren. Zij behoorden allen tot de groep kunstenaars die in de loop der jaren<br />
door kunsthistorici tot de canon zijn gerekend, zoals onder andere Walter<br />
Spies, Rudolf Bonnet, Adolf Breetvelt, Pieter Ouburg, Charles Sayers, en<br />
Isaac Israëls.<br />
Volgens de kunsthistoricus Koos van Brakel ‘[…] they transcended the<br />
general conservatism in East Indies painting. They were aware of<br />
developments in the European art world and a number of them [...] had<br />
academic backgrounds’.3 Voor de grap noem ik ze wel eens ‘Niet Mooi Indië<br />
schilders’ om ze te onderscheiden van de Mooi Indië schilders. Tot de andere<br />
groep schilders, zonder academische achtergrond, behoorden volgens<br />
Van Brakel, Leonard Eland, Ernest Dezentjé en Carel Dake. Imandt noemde<br />
hij toen nog niet.4 Of deze Mooi Indië schilders op de hoogte waren van ontwikkelingen<br />
in de Europese kunst laat hij in het midden, maar hij suggereert<br />
van niet en laat blijken dat zijn voorkeur naar de Niet Mooi Indië schilders<br />
uitgaat.</p>
<p><strong>Mooi Indië vervloekt</strong><br />
De kunstcriticus J. Tielrooy schreef in 1930 een artikel dat tot op de dag van<br />
vandaag aangehaald wordt, ‘Indië in de schilder- en teekenkunst’. Hij richtte<br />
zijn venijnige pijlen op Dezentjé:<br />
Wie zou Ernest Dezentjé niet kennen? […] Dezentjé schildert sawah’s<br />
en het water is zilverblinkend, de dijkjes zijn groen; op den achtergrond<br />
zet hij een berg en de berg, men kan er vast op rekenen, is<br />
donkerblauw; de vereischte palm is aanwezig, en aan het uitspansel<br />
in de verte smelten smachtende gelen met poëtisch rood tezamen.5<br />
De bijtende kritiek op de Mooi Indië schilders in zijn artikel doet zijn giftige<br />
werking tot op heden gelden.<br />
Die kritiek deed de vraag naar hun werk niet verminderen. Zowel bij toeristen<br />
en Indië-gangers als bij hooggeplaatste Javanen en welvarende Chinezen<br />
vond hun werk gretig aftrek. Anders dan de academisch gevormde schilders<br />
die meestal niet lang in Nederlands-Indië bleven, waren de Mooi Indië<br />
schilders veel meer met dat land vervlochten, ofwel door geboorte (Eland en<br />
Dezentjé hadden Indisch bloed), of door hun werk, zoals Imandt. Kan het<br />
niet zo zijn dat de Niet Mooi Indië schilders met hun hoofd in Europa bleven<br />
en kubistische of surrealistische voorstellingen in Indië maakten, terwijl de<br />
Mooi Indië schilders, omdat ze er thuis waren, thema’s in hun werk<br />
neerzetten die Javaans zijn?</p>
<p><strong>Schilderthema’s</strong><br />
Thema’s zijn vooral het landschap en de bevolking. Bij het laatste ging het<br />
vooral om volkstypes, bij voorkeur Javaanse en Balinese vrouwen met<br />
ontbloot bovenlijf, of mannen met nauwelijks verhullende lapjes om. Naakt<br />
gold lange tijd als onzedelijk, behalve als het exotisch was. Talloze huiskamers<br />
in Nederland werden met deze zoetsappige, licht prikkelende kitsch<br />
getooid. Imandt liet dit thema links liggen en concentreerde zich op het<br />
tweede grote thema: het landschap. Dat maakt niet alleen diepe indruk op de<br />
Europeaan. De bergen worden zowel in boeddhisme als hindoeïsme gezien<br />
als spiritueel geladen plekken waar contact tussen de goden- en mensenwereld<br />
mogelijk is. In de hoedanigheid van mediator tussen deze wereld en de hemelse, speelden de bergen en vulkanen, maar ook bomen zoals de<br />
waringin, een centrale rol in de belevingswereld van de Javaan.<br />
Wilden de Mooi Indië schilders als zij een berg schilderen niet het idee van<br />
de berg vatten en daarmee hun spirituele en persoonlijk band met Indonesië<br />
vastleggen? Imandt zelf maakt duidelijk dat hij vooral uit praktische overwegingen<br />
de door de kritiek gewraakte doeken maakte. Hij schilderde het<br />
liefst andere werken en conformeerde zich bepaald niet altijd aan de smaak<br />
van het Indische publiek. Hij is de enige in Nederlands-Indië werkende<br />
schilder die ooit een korte verhandeling over het schilderen daar schreef<br />
(zie ook pagina 15 t/m 17):<br />
“Op een Indisch doek moeten klapperboomen en sawah’s voorkomen”.<br />
Hoe vaak wordt ons dit niet als een zacht verwijt toegevoegd! Ik geef<br />
evenwel alle klappers en sawah’s voor één Indischen woudreus.<br />
Zeker, ik heb onnoemlijk veel klappers en sawah’s op het doek<br />
gebracht want ook een schilder moet op stuk van zaken leven en geld<br />
verdienen.6</p>
<p><strong>Imandt tekent voor de Oost</strong><br />
Imandt werd in 1882 geboren als oudste zoon van de hoofdonderwijzer<br />
van de openbare school in het katholieke dorp St. Jansteen in Zeeuws-<br />
Vlaanderen. Zijn vader speelde een belangrijke rol in het ontluikende<br />
culturele en sportieve leven van het dorp, als oprichter van de toneel- en<br />
fanfare vereniging en de ijs- en fietsvereniging. In dat culturele en sportieve<br />
milieu groeide Willem op. Hij toonde al vroeg artistieke aanleg, wat blijkt uit<br />
tekeningen van toen hij 12 was. Het was rond deze leeftijd dat zijn oom, een<br />
timmerman die in Nederlands-Indië had gewerkt, een tijd op het dorp woonde<br />
en Willem over het Nederland achter de horizon vertelde. Dat prikkelde zijn<br />
fantasie en deed hem dromen over de vulkanen, bergen, bomen en rotskusten<br />
die hij later zou schilderen. Na de lagere school volgde hij een<br />
onderwijzersopleiding aan de Rijksnormaalschool in het nabijgelegen Axel.<br />
Zonder problemen rondde hij die opleiding af.<br />
In 1901 werd hij als onderwijzer benoemd aan een school in Amsterdam<br />
waar hij ook zijn militaire dienstplicht vervulde. Hij volgde er les voor de<br />
hoofdakte aan de gemeentelijke kweekschool en verkeerde er in artistieke<br />
milieus. In 1904 vestigde hij zich terug in het Zeeuws-Vlaamse, waar hij les<br />
gaf op een aantal scholen. In zijn vrije tijd haalde hij zijn akte tekenen in<br />
Den Haag en zijn hoofd- en gymnastiek-akte in Breda. Ook penseelde hij er<br />
zijn eerste Haagse schoolachtige schilderijen van meren en bossen. Nadat hij in Amsterdam verliefd was geworden op de Friese zangeres Eliza Robijns ging<br />
hij daar weer aan de slag. In 1908 solliciteerde Willem op een onderwijzersbaan<br />
in Nederlands-Indië. Het was een aantrekkelijk perspectief en een<br />
uitdaging tegelijkertijd. Hij werd aangenomen en nadat ze getrouwd waren,<br />
vertrokken Eliza en Willem per oceaanstomer eerste klasse naar de bloeiende<br />
kolonie, die vrije kunstenaars steeds meer mogelijkheden bood door het<br />
uitdijend netwerk van kunstkringen op Java.7</p>
<p><strong>De Reflector als Mooi Indië platform</strong><br />
Willem Imandt gaf eerst les op Celebes en uit deze tijd stammen zijn eerste<br />
Indische doeken. Hier werd in 1910 de eerste zoon geboren van een gezin dat<br />
in de loop der jaren uitgroeide tot zes kinderen. In dat jaar werd hij benoemd<br />
als onderwijzer aan de openbare Hollands-Chinese school in Yogyakarta.</p>
<p>In 1916 nam hij ontslag uit de koloniale dienst en tot zijn pensionering, in<br />
1929 op 47-jarige leeftijd (tropenjaren telden dubbel), was hij hoofdonderwijzer<br />
en tekenleraar bij het katholiek onderwijs in Nederlands-Indië.<br />
In deze periode trad hij voor het eerst naar buiten met zijn schilderwerken die<br />
hij aan de hand van schetsen uit de natuur altijd in zijn atelier vervaardigde,<br />
van meren, ravijnen, bergen, rotskusten, vulkanen en antieke gebouwen<br />
zoals de Borobudur. De eerste recensie van zijn werk gaat over een tentoonstelling<br />
in Yogyakarta. ‘De schilder Imandt, berucht om zijn avondluchten, en<br />
bergen kan stilzwijgend worden voorbijgegaan’.8 Inderdaad lieten kleurgebruik<br />
en compositie nog veel te wensen over. In 1919 verscheen er een artikel over<br />
Imandt in het populaire tijdschrift De Reflector. ‘Aangemoedigd door onze<br />
schitterende foto’s van MOOI INDIË heeft de bekende schilder Imandt ons<br />
eenige afdrukken gezonden van zijn olieverfschilderijen, voorstellende Mooi<br />
Indië’.9 Hij wordt door de auteur van het artikel een harde werker genoemd,<br />
die met talent de ‘prachtige Indische landschappen heeft bestudeerd’. Dat het<br />
een lange studie vereiste werd later door Imandt zelf verwoord: ‘Wie Indië<br />
schilderen wil, moet er lang blijven. Indië pakt ons op het eerste gezicht,<br />
maar laat zich pas pakken als men er jarenlang vertoefd heeft’.10<br />
De Reflector wilde met zijn rubriek Mooi Indië de belangstelling van het<br />
Indische publiek opwekken voor kunst van eigen (Indische) bodem. Daarom<br />
kan het als platform en naamgever worden beschouwd worden voor de Mooi<br />
Indië schilders zoals Dake, Dezentjé, Eland en Imandt die in de jaargangen<br />
tussen 1916 en 1920 veelvuldig afgebeeld werden. Hun op de natuur van<br />
Indonesië gebaseerde kunst vertoonde in thematiek en stijl grote overeenkomsten.<br />
Het was dus zeker geen school, maar eerder een groepering die<br />
door het (lezers)publiek met elkaar geassocieerd werd, en die niet meer dan<br />
vier jaar heeft geduurd. Eland vertrok in 1920 naar Den Haag en Dake<br />
keerde zich van de natuurthematiek af. Dezentjé bleef de thematiek tot het<br />
eind van zijn leven trouw. Dat gold ook voor Imandt, al zou hij een duidelijk<br />
eigen stijl ontwikkelen. In de latere literatuur worden ze dikwijls in een adem<br />
én in denigrerende zin genoemd. Alles wat niet bij de canon aansloot werd<br />
gemakshalve op de hoop Mooi Indië geveegd.</p>
<p><strong>Bataviasche Kunstkring</strong></p>
<p>Een week na het artikel in De Reflector stelde een recensent in het Weekblad<br />
voor Indië zijn mening over Imandt in positieve zin bij:<br />
Het is ongetwijfeld knap werk en het wil ons voorkomen, dat Imandt,<br />
van wien we ons enkele jaren terug een tentoonstelling in den<br />
Djokjaschen Sociëteit herinneren, flink vooruit gegaan is in dien tijd.<br />
Toen miste zijn werk nog alles, wat naar kracht en durf zweemde – dat<br />
alles is thans echter geheel anders geworden.11<br />
Afgebeeld in het Weekblad zijn Mangrovebos aan het strand en Rotskust. In<br />
Mangrovebos kondigt zich al zijn voorliefde voor bomen aan, die hij steeds<br />
meer pasteus zou schilderen. Vergelijkbare rotskusten, waarvan er de nodige<br />
in omloop zijn, kunnen voor 1920 gedateerd worden.<br />
Uit de recensie blijkt dat Imandt in korte tijd respect had weten af te dwingen.<br />
Het summum van erkenning voor een in Nederlands-Indië werkende kunstenaar<br />
was gevraagd te worden voor de jaarlijkse augustus-tentoonstelling van<br />
de in 1902 opgerichte Bataviasche Kunstkring. Imandt maakte er zijn debuut</p>
<p>in augustus 1920. Er waren in totaal 20 exposanten. Dat Imandt in 1920 al<br />
een bekende kunstenaar was, wordt ook bevestigd door de hoge prijzen voor<br />
zijn werk. Voor een klein doek werd 150 gulden gevraagd en voor grotere<br />
werken 450 gulden. Wanneer de recensent van de Javabode langs het werk<br />
van Imandt loopt, overvalt hem ‘niet alleen een gevoel van kalmte’, maar<br />
tegelijkertijd vindt hij het ‘fraaie doeken, waarvan vooral de luchten imponeren.’<br />
12 Imandt exposeerde er tot 1925 een hele waaier aan onderwerpen: van<br />
vulkanen en bergen tot meren en zeeën, van bomen tot ruïnes. Zijn werk<br />
bleef onverminderd gewaardeerd.</p>
<p><strong>Imandt de Grote Schilder hier!</strong></p>
<p>In 1922 ontmoette hij in Solo de in impressionistische trant werkende<br />
schilder Isaac Israëls. Zij zagen elkaar in die periode frequent. In Israëls<br />
laatste brief, voor vertrek naar Nederland, aan de schilder Willem Witsen, bleek het wel eens te veel. ‘Overigens is hier dan ook niemand. Je snakt wel<br />
eens naar iemand anders dan Imandt de Grote Schilder hier!’.13 Afgezien van<br />
de flauwe woordspeling bevat Israëls opmerking ook een zekere jalousie de<br />
metier, want terwijl Israëls in Nederland een halfgod was, betekende hij in</p>
<p>Nederlands-Indië in tegenstelling tot de Grote Schilder weinig. Volgens<br />
Imandts dochter werkten ze samen aan een schilderij. Willem schilderde de<br />
waringin en Isaac de figuren (afb. 8). De schilderijen van waringins behoren<br />
zonder meer tot de hoogtepunten van Imandts Nederlands-Indische oeuvre.<br />
Imandt stond op het hoogtepunt van zijn roem. De zwager van koningin<br />
Wilhelmina, de hertog van Mecklenburg en de heer Han, leider van de<br />
Chinezen in Batavia, bezochten in 1923 zijn atelier en bestelden doeken.<br />
‘Wij waren in de gelegenheid zijn hoogst artistieke en kleurrijke werken uit<br />
de schoone natuur van de Preanger en elders, te bezichtigen en hoogelijk te<br />
waarderen’.14 Imandt vond in H. Bos in Den Haag een gerespecteerde kunsthandel<br />
die zijn werken ging verkopen. De laatste twee jaar verbleef Imandt in het mondaine en westers georiënteerde Bandung, waar hij niet langer als<br />
hoofdonderwijzer maar als kunstschilder in het telefoonboek stond genoteerd.<br />
Bij Imandts terugkeer naar Europa in 1929 pakte Bos uit met een solotentoonstelling<br />
die vier maanden duurde en waar veel werk werd verkocht.15 Imandt vertrok eind juni met zijn gezin naar Sint-Gillis-Waas, enige kilometers<br />
van zijn geboorteplaats in België, waar hij een fraai huis met atelier<br />
betrok dat hij Insulinde doopte. Kortom, Imandt kwam als een gefortuneerd<br />
man terug uit Nederlands-Indië waar hij een van de bekendste Westerse<br />
schilders was geworden.</p>
<p><strong>In het Land van Waas en Insulinde</strong><br />
Hij kon zich nu volledig op zijn werk concentreren. Zijn voornaamste<br />
onderwerp bleef Indië, maar door reizen rond de Middellandse Zee kregen<br />
sommige doeken een oriëntalistische inslag. Hij leefde een vrij teruggetrokken<br />
bestaan en verkocht vooral schilderijen aan kennissen en familie in zijn<br />
geboortestreek. Pas in 1935 ontdekte een Vlaamse journalist de ‘Indische<br />
schilder’ die toen op het hoogtepunt van zijn kunnen stond. Hoofdreden voor<br />
zijn terugkeer was de scholing van zijn zoons en dochters in Nederland.<br />
Met de dreiging van een nieuwe wereldoorlog en zijn zoons in de cultures in<br />
Nederlands-Indië besloot Imandt in 1938 terug naar Insulinde te keren.<br />
Dat was in de tussenliggende 10 jaar sterk veranderd door het toenemende<br />
nationalisme. Willem zal daar weinig van gemerkt hebben want hij vestigde<br />
zich in de tuinstad Malang. Veel (gepensioneerde) Nederlanders gingen daar<br />
wonen, aangetrokken door het aangenaam koele klimaat. Imandt verkocht<br />
nog wel werken, maar niet langer nat van de ezel zoals vroeger. Lang duurde<br />
de idylle niet want in 1942 werd hij geïnterneerd in een Jappenkamp. Zijn<br />
archief ging verloren en in 1946 keerde hij berooid terug naar Nederland,<br />
waar hij in Den Haag ging wonen. Hij leefde er van zijn pensioen, maar<br />
verkocht ook nog wel incidenteel schilderijen met Indische motieven.<br />
In 1954 kreeg hij op 72-jarige leeftijd een overzichttentoonstelling in de zalen<br />
van Hoogovens. Een schilder van vulkanen had zich geen beter decor<br />
kunnen wensen. De hoofdmoot werd gevormd door zijn Indische doeken.<br />
Het is moeilijk niet poëtisch te zijn bij het aanschouwen van dit deel der<br />
aarde, zoals Willem Imandt het ons voortovert, want de kenmerkende sfeer<br />
van de tropen, het heldere licht dat aan alle kleuren een bijzonder reliëf<br />
verleent, de nuancen van groen, het felle blauw van de tropenhemel, het<br />
levende groen van de zee, dit alles weet de schilder met een groot meesterschap<br />
op het doek te brengen. Het Oosten leeft voor ons, gezien door de<br />
schildersogen van Imandt.16</p>
<p><strong>Herwaardering</strong></p>
<p>Imandt stierf in 1967 op het dieptepunt van de belangstelling voor schilderkunst<br />
uit de voormalige kolonie. De waardering is de laatste 20 jaar echter spectaculair toegenomen, al geldt dat veel minder voor Mooi Indië. Toch lijkt<br />
er sprake te zijn van voortschrijdend inzicht. In een recent artikel over de<br />
Mooi Indië kunst in de catalogus van de tentoonstelling ‘Beyond the Dutch’<br />
(2009-10) in het Centraal Museum in Utrecht staat te lezen:<br />
De Indische schilderkunst werd geruime tijd genegeerd en als men er<br />
al aandacht aan besteedde dan was dat toch vooral in misprijzende<br />
termen […] De Indische schilderkunst verdient, als onderdeel van de<br />
koloniale geschiedenis als gedeeld erfgoed van Nederland en<br />
Indonesië, een plaats in de schilderkunst van beide landen.17</p>
<p>Ook Van Brakel heeft Imandt ontdekt. Hij haalt in het hierboven genoemde<br />
artikel een citaat uit Imandts ‘Schilderen in Indië’ aan. Daar moet de auteur,<br />
medewerker van het Tropenmuseum, zeker Imandts fraaie waringin in de<br />
permanente expositie over Nederlands-Indië hebben zien hangen. Hoewel?<br />
Het werk hangt in een hoek hoog tegen het plafond, vrijwel onzichtbaar voor<br />
de gemiddelde bezoeker.<br />
De Indische schilderkunst verdient niet alleen een plaats in de schilderkunst<br />
van beide landen, maar ook een zelfstandige plek. Het heeft een duidelijk<br />
eigen cachet, zoals Imandt in zijn artikel opmerkt: ‘Het eigen cachet ontleent<br />
het Indisch palet aan zijn in het Westen onbestaanbare kleurschakeeringen<br />
en overgangen’.18 In mijn monografie van Imandt hoop ik aan te tonen dat hij<br />
zich via de Mooi Indië schilderkunst heeft ontwikkeld tot een beeldend<br />
kunstenaar met een herkenbare signatuur die onovertroffen is in het<br />
vastleggen van de magische natuur van Indonesië.</p>
<p><strong>Literatuur</strong><br />
J. Bastin en B. Brommer, <em>Nineteenth century prints and illustrated books of Indonesia,</em><br />
<em>with particular reference to the print collection of the Tropenmuseum, Amsterdam:</em><br />
<em>A descriptive bibliography, </em>Het Spectrum, Utrecht/Antwerpen, 1979.<br />
Koos van Brakel, et al., <em>Indië omlijst, vier eeuwen schilderkunst in Nederlands-Indië,</em><br />
KIT Publications, Amsterdam, 1998.<br />
Koos van Brakel, <em>Charles Sayers 1901-1943: Pioneer painter in the Dutch East Indies,</em><br />
KIT Publications, Amsterdam, 2004.<br />
Koos van Brakel, <em>‘”Mooi Indie”-kunst: een koloniaal medium?’</em> in: Meta Knol, Remco<br />
Raben en Kitty Zijlmans (red.), <em>Beyond the Dutch. Indonesië, Nederland en de</em><br />
<em>beeldende kunsten van 1900 tot nu,</em> KIT Publishers en Centraal Museum,<br />
Amsterdam-Utrecht, 2009, pp. 50-59.<br />
Willem Imandt, <em>‘Schilderen in Indië’, </em>Maandblad voor Beeldende Kunsten 3 (1926),<br />
pp. 338-9.</p>
<p>Lee Man-Fong (ed.), <em>Paintings and Statues from the Collection of President Sukarno of</em><br />
<em>the Republic of Indonesia,</em> Toppan Printing Co., Tokyo, 1964. (Vijf delen)<br />
J. de Loos-Haaxman, <em>Verlaat Rapport Indië: Drie eeuwen Westerse schilders, tekenaars,</em><br />
<em>grafici, zilversmeden en kunstnijveren in Nederlandsch-Indië,</em> Mouton en Co.<br />
Uitgevers, ‘s Gravenhage, 1968.<br />
J.H. Maronier, <em>Pictures of the Tropics. A catalogue of drawings, water-colours, paintings, </em><em>and sculptures in the collection of the Royal Institute of Linguistics and Anthropology </em><em>in Pictures from the tropics: Paintings by Western artists during the colonial period in </em><em>Indonesia,</em> Nijhoff, ‘s Gravenhage, 1967. [KITLV].<br />
J. Tielrooy, <em>‘Indië in de schilder- en teekenkunst’</em>, Elseviers Geïllustreerd Maandblad 80<br />
(1930), pp.1-10.<br />
Paul van der Velde, ‘Een Steense meester in wording (deel 1). De jeugdjaren, 1882-<br />
1901’, <em>Bulletin van de Oudheidkundige Kring “De Vier Ambachten</em>” 29-1 (2010), pp.<br />
14-17.</p>
<p>————————, ‘Een Steense meester in wording (deel 2). Imandt tekent voor de<br />
Oost, 1901-1908’, <em>Bulletin van de Oudheidkundige Kring “De Vier Ambachten</em>” 28-3<br />
(2009), pp. 7-10.<br />
————————, ‘Een Steense rat in de Oost. W.J.F. Imandt (1882-1967)’, <em>Zeeuws</em><br />
<em>Tijdschrift </em>48-4 (1998), pp.15-23.</p>
<p><strong>Archief</strong><br />
Koninklijke Bibliotheek ’s Gravenhage. Collectie W. Witsen, 75C51, Brief van I. Israëls<br />
aan W. Witsen van 17 juli 1922, Solo.</p>
<p><strong>Noten</strong></p>
<p>1. Fotografie: Anda van Riet<br />
2. De Loos Haaxman 1968: 98.<br />
3. Van Brakel 2004: 14.<br />
4. Ibid.<br />
5. Tielrooy 1930: 1.<br />
6. Imandt 1926: 338.<br />
7. Van der Velde 2010 en 2011.<br />
8. De Taak, 8 december 1917.<br />
9. De Reflector 4 (1919) 38: 754.<br />
10. Imandt 1926: 338.<br />
11. Weekblad voor Indië 16 (1919).<br />
12. Javabode, 9 augustus 1920.<br />
13. Koninklijke Bibliotheek. Correspondentie W. Witsen, 75C51.<br />
14. Javabode, 12 april 1923.<br />
15. Het Vaderland, 1 juni 1929.<br />
16. Anoniem. Begeleidende tekst bij tentoonstellling.<br />
17. Van Brakel 2009: 59.<br />
18. Imandt 1926: 339.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-28/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Onrust in het bos</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/jeugdboeken/onrust-in-het-bos/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/jeugdboeken/onrust-in-het-bos/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 16 May 2012 13:21:18 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Jeugdboeken]]></category>
		<category><![CDATA[Fiona Hack]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2891</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>In Fiona Hacks jeugdboek Onrust in het bos gaat het om een te groot uitgevallen slak, die anderen tot last is en daardoor ook zichzelf. Verdraagzaamheid is natuurlijk het centrale begrip. Of, anders gezegd, op pagina 99: ,,Vanuit geduld is meer &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/jeugdboeken/onrust-in-het-bos/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverslak.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2892" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverslak-212x300.jpg" alt="" width="212" height="300" /></a></p>
<p>In Fiona Hacks jeugdboek <em>Onrust in het bos </em>gaat het om een te groot uitgevallen slak, die anderen tot last is en daardoor ook zichzelf. Verdraagzaamheid is natuurlijk het centrale begrip. Of, anders gezegd, op pagina 99: ,,Vanuit geduld is meer te bereiken dan vanuit boosheid. Dan kun je niet meer met elkaar praten. En dat is nu juist zo gezellig!&#8221; Die zinnen staan aan het slot van het boek. Nadat Ilse de slak bijna uit het bos is weggepest. Eind goed al goed, het is wel een sprookje.</p>
<p><span id="more-2891"></span></p>
<p><strong> </strong>De illustraties van Lydia Klop-Steendijk hebben iets teers. Kabouters, slakken, spinnen, uilen, mestkevers, het is een mooi gezelschap. Met elkaar brengen ze het thema acceptatie en integratie ter sprake. Ilse de slak is de grote vreemde eend in de bijt. Iedereen keert zich tegen haar, ook als ze in een nieuw deel van het bos neerstrijkt. Dat haar huis wordt gestolen laat overduidelijk zien en voelen dat ze een ongewenst sujet is. Het eind brengt een wijze les, die bij de jonge lezertjes best over zal komen (pag. 100): ,,&#8217;Zo zie je maar dat je soms sorry moet kunnen zeggen. Ze hadden allebei schuld en ze hebben het nu samen opgelost. Een beter einde kan deze zaak niet hebben&#8217;, zegt kabouter Speurneus tevreden.&#8221; Een pagina verder zegt Speurneus nog eens: ,,We hebben hier allemaal iets van geleerd.&#8221;</p>
<p>Voor mijn gevoel ligt de boodschap er een beetje te dik op. Maar daarover kun je zeker van mening verschillen. Misschien is er voor jonge lezertjes juist een nogal uitdrukkelijk verhaal nodig. Ik kan dat moeilijk inschatten. Ik denk dat het goede voorbeeld voorleven &#8211; door ouders, door onderwijzend personeel &#8211; meer effect heeft dan een in een sprookje verstopte boodschap. Wat dat betreft zit ik meer op de lijn van Annie M.G. Schmidt en Wim Hofman: alsjeblieft geen goed bedoelde boodschappen in kinderboeken.</p>
<p>********************************</p>
<p><strong>Biografie Fiona Hack </strong>(1972) Noord-Beveland (foto Willem Mieras)</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/hack.jpg.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2987" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/hack.jpg-300x213.jpg" alt="" width="300" height="213" /></a>,,Bij bola-editions zijn mijn boeken ’De wens’ (school- en leeseditie), ‘Onrust in het bos’ (school- en leeseditie) en de bundels verhalen deel één en twee en de gedichtenbundel voor de provincie Zeeland uitgegeven. Bij MI Publishing mocht ik meewerken aan een kindergedichtenbundel ‘Kinderen van het Heelal’ voor de kinderboekenweek op de Antillen. Ongeveer tien jaar houd ik me actief bezig met schrijven.&#8221;</p>
<p>**********************************************</p>
<p>In de PZC van 9 mei 2012 schreef Ali Pankow over het nieuwste boek van Fiona Hack.</p>
<p><strong>Verhaal over grote slak en kabouters</strong></p>
<p>door Ali Pankow<br />
Al voor haar geboorte zorgt Ilse de Slak voor onrust. Haar eitje wil maar niet uitkomen. Het baart moeder Slak zorgen. Zodra Ilse dan toch de wereld in kruipt, blijkt ze veel groter dan haar soortgenoten. Dat geeft veel problemen.<br />
Fiona Hack uit Wissenkerke beschrijft de lotgevallen van Ilse de Slak in <em>Onrust in het bos</em> met als ondertitel ‘Een verhaal voor kleine speurneuzen’. Het is Hacks tweede kinderboek. Eerder schreef zij <em>De Wens</em>, over gebeurtenissen in groep 8 van een basisschool. Ook zette zij zich in voor het creëren van een netwerk aan Zeeuwse (amateur)schrijvers, die vaak moeilijk aandacht voor hun producten kunnen afdwingen. Haar inspanningen resulteerden in twee verhalenbundels en een poëziebundel van Zeeuwse bodem.<br />
Met <em>Onrust in het bos </em>heeft Hack een sprookje geschreven voor het jongste lezerspubliek. „Ik heb ermee moeten leuren, want kabouters zouden niet meer ‘in’ zijn. Nou dat pikte ik niet”, liet Hack in eerdere instantie weten. Het feit dat het boekje er toch is gekomen, compleet met kleurrijke illustraties van Lydia Klop-Steendijk, onderstreept Hacks doorzettingsvermogen. Kabouters spelen een belangrijke rol in het verhaal. Met name kabouter Speurneus geldt als wijze raadgever bij het oplossen van de vraag ‘wie heeft het slakkenhuis van Ilse gestolen?’<br />
De grote slak is het zat dat alle dieren in haar eigen bos nare opmerkingen maken over haar omvang. Zij vertrekt naar een groter bos met meer ruimte en meer eten. Om te voorkomen dat de dieren ook daar vervelend tegen haar doen, snauwt zij bij voorbaat elk dier zelf maar af. Dat is haar manier van overleven. Echt gelukkig wordt zij daar niet van. Zeker niet als plotseling haar slakkenhuis blijkt te zijn gestolen, waarschijnlijk bij wijze van wraak. Natuurlijk komt Ilse tot het inzicht dat je met aardig doen meer bereikt. Daar is het ten slotte een sprookje voor. In de schooleditie van dit boek adviseert Hack met de kinderen over de gebeurtenissen te praten en verband te leggen tussen dit verhaal en het dagelijks leven.</p>
<p><em>Fiona Hack: Onrust in het bos &#8211; Uitgeverij Free Musketeers, 102 pagina&#8217;s, ISBN 978-90-484-2386-6, € 15,95. Z</em><em>ie ook: <a href="http://www.deklimmendester.nl/">www.deklimmendester.nl</a></em></p>
<p><em> </em></p>
<p><em>*************************************</em></p>
<p><strong>Fragment, pag. 27:</strong></p>
<p>Het is niet eerlijk, denkt Ilse. Ik kan er niets aan doen dat ik zo groot ben. Ik ben nu eenmaal zo geboren. En zo dik? Dat valt toch wel mee? Ik ben nu eenmaal te groot om aan snelkruipen te doen. Mijn slakkenhuis is veel te zwaar. Ik begrijp niet waar iedereen zo moeilijk over doet. Ik kan niet veranderen hoe ik er uit zie. Grimmig glibbert ze naar een sappige braam die onderaan een tak hangt. Ze eet de braam in twee happen op.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/jeugdboeken/onrust-in-het-bos/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Uitgebeeld verleden van Kapelle-Biezelinge</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/fotoboeken/uitgebeeld-verleden-van-kapelle-biezelinge/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/fotoboeken/uitgebeeld-verleden-van-kapelle-biezelinge/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 15 May 2012 16:36:23 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Fotoboeken]]></category>
		<category><![CDATA[Cees van den Bovenkamp]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2966</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>De serie boekjes In vroeger tijden was al eindeloos. Aangezien er steeds nieuw &#8216;vroeger&#8217; komt, kunnen er ook weer steeds nieuwe boekjes worden geproduceerd. Cees van den Bovenkamp heeft dat goed begrepen. Onlangs verscheen Uitgebeeld verleden van Kapelle-Biezelinge. Nummer 24 &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/fotoboeken/uitgebeeld-verleden-van-kapelle-biezelinge/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/JANBLOG.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2969" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/JANBLOG-295x300.jpg" alt="" width="295" height="300" /></a>De serie boekjes <em>In vroeger tijden </em>was al eindeloos. Aangezien er steeds nieuw &#8216;vroeger&#8217; komt, kunnen er ook weer steeds nieuwe boekjes worden geproduceerd. Cees van den Bovenkamp heeft dat goed begrepen. Onlangs verscheen <em>Uitgebeeld verleden van Kapelle-Biezelinge. </em>Nummer 24 in een schier eindeloze reeks. Maar het blijven leuke boekjes. Alsof de tijd heeft stilgestaan.</p>
<p><span id="more-2966"></span></p>
<p>Cees van den Bovenkamp komt uit Waarde. In zijn boeken vertelt hij dat niet meteen. Ik heb in het archief van de PZC wat informatie over hem bijeen gescharreld. Op 3 maart 2010 vierde hij zijn 66ste verjaardag. Die dag werd hij in de bloemetjes gezet, omdat hij dertig jaar als vrijwilliger op het stembureau zat. Hij heeft alle kernen van de gemeente Reimerswaal al van een fotoboekje voorzien. Ook in Goes is hij actief. En dus ook in de gemeente Kapelle. Deze keer dus in die voor mij nog altijd rare dubbelkern Kapelle-Biezelinge.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapelleoud8.jpg"><img class="alignleft" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapelleoud8-300x196.jpg" alt="" width="300" height="196" /></a></p>
<p>De foto&#8217;s beslaan de complete 20ste eeuw. Van de oude ansichtkaart uit 1914 (hiernaast) tot en met de duivenvereniging in 1995. Het zijn van die boekjes waarin je blijft bladeren. En dan kom ik nog niet eens uit Kapelle of Biezelinge. Als je daar wel geboren en opgegroeid bent, kom je veel bekends en vele bekenden tegen, dat kan niet anders. En daarin ligt natuurlijk ook de charme van zo&#8217;n uitgave. Maar voor mij zijn het ook intrigerende tijdsbeelden. Kijk maar eens naar de ansichtkaart uit 1914. De auto rechts is een plaatje. Hoe uitgebreid de onderschriften ook vaak zijn, er staat deze keer niet bij van wie de auto was.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapelleduiven107.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2972" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapelleduiven107-300x203.jpg" alt="" width="300" height="203" /></a></p>
<p>Inderdaad, goede, uitgebreide bijschriften, daar gaat het in zo&#8217;n fotoboekje om. Van den Bovenkamp heeft ruim hulp gehad van dorpsbewoners, in zijn voorwoord noemt hij ze ruimhartig. Het moet best een karwei geweest zijn om alle namen van de kinderen op schoolfoto&#8217;s en alle leden van alle mogelijke verenigingen te achterhalen. Maar dat is zeker goed gelukt. De foto hiernaast toont de jubilarissen van de duivenvereniging Oost West Thuis Best in 1995. Zwart/wit, dat zal vast een centenkwestie zijn. Ik vind het fantastisch dat zo&#8217;n vereniging nu nog bestaat.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapellevrouwenver.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2973" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapellevrouwenver-300x205.jpg" alt="" width="300" height="205" /></a>Dat ligt anders bij de foto van de Christelijk Gereformeerde vrouwenvereniging Dorcas, gemaakt op de startavond van het seizoen in september 1991. Het onderschrift: ,,De vereniging is opgericht in 1935. In 2010, na 75 jaar dus, is ze opgeheven wegens te weinig leden.&#8221; Ja ja, ik weet het, tijden veranderen. Maar zo&#8217;n mededeling geeft de foto voor mij opeens wel dramatiek.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapelleschool102.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2975" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/kapelleschool102-300x217.jpg" alt="" width="300" height="217" /></a>Zo zit er wel meer emotie verscholen in het boekje. Ik word geraakt door de klassefoto van groep 7/8 van de Juliana van Stolbergschool, voorjaar 1990. Al die onschuldige kinderen, een hele toekomst voor zich. Met uiterst links directeur M. Waterman, en rechts juf Slabbekoorn. En dan zie ik achter één van de namen van de jongens opeens tussen haakjes &#8216;overleden&#8217; staan. Wat is er gebeurd, wat is die jongen overkomen?</p>
<p>Natuurlijk kon ik het niet laten om de grote namen van het dorp op te zoeken. Zit er daar iets in de lucht of zo, dat er zoveel politici geproduceerd worden?</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/eversdijkjong.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2976" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/eversdijkjong-300x207.jpg" alt="" width="300" height="207" /></a>Herkent u hem, hiernaast? Het is een type foto dat kennelijk tientallen jaren lang werd gemaakt. Van mezelf heb ik ook zo&#8217;n soort foto, maar dan uit de jaren zestig, en met een lullig bouwpakketautootje in plaats van blokken. Deze foto is ouder. ,,Huib Eversdijk op de kleuterschool/ bewaarschool van juf Coba van Willegen, op zesjarige leeftijd (1939). In latere jaren werd deze kleuter: lid van de gemeenteraden van Borsele en Reimerswaal; lid van Provinciale Staten van Zeeland; lid van de Eerste Kamer en lid van de Tweede Kamer (namens het CDA) en dijkgraaf van de beide toenmalige waterschappen.&#8221; Eversdijk is donderdag 15 maart op 78-jarige leeftijd overleden.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/eversdijkschoenen.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2977" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/eversdijkschoenen-300x211.jpg" alt="" width="300" height="211" /></a>Hij figureert ook op een foto van klas 4 van de Openbare Lagere School, circa 1943. Het onderschrift: ,,Alle kinderen dragen schoenen, behalve één (onderste rij, tweede van links). Dat is Huib Eversdijk. Zijn moeder, die al eerder een foto van een klas met Huib er in had gekocht, vond opnieuw een foto kopen, te duur. Gelukkig kocht toen de opoe van Huib de foto, zo meldt ons het oud-Kamerlid.&#8221;</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/balkenendevader.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2979" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/balkenendevader-300x197.jpg" alt="" width="300" height="197" /></a>En dan is er natuurlijk die andere, nog grotere zoon uit het dorp. Eerst een beeld van zijn vader Jan Balkenende, die eind jaren veertig voorzitter was van de jongelingsvereniging Nondum plus Ultra (nog steeds niet ten onder). Hij zit centraal in de tweede rij vanonderaf gezien. Wat een heerlijke serieuzigheid. Of mag ik dat niet zeggen?</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/balkenendegezin.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2980" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/balkenendegezin-300x208.jpg" alt="" width="300" height="208" /></a>Op de gezinsfoto van omstreeks 1960 is vader Jan goed herkenbaar. Het onderschrift: ,,Links vader Balkenende met op schoot zoon Jan-Peter, de latere premier van Nederland; vervolgens zoon Roland en dan volgt moeder Balkenende met op schoot zoon Ernst-Jan.&#8221; Jan-Peter is van mijn bouwjaar. Droegen ze in Biezelinge toen allemaal van die speelpakjes met galgen? Of was dat een curiositeit van het gezin Balkenende. Ik zie op mijn jeugdfoto&#8217;s in elk geval nergens dat soort broeken en mouwloze shirtjes. Dus zal het wel een plaatselijke mode zijn geweest.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/jager77.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2981" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/jager77-300x218.jpg" alt="" width="300" height="218" /></a>En dan hebben we momenteel een derde grote zoon. Die, notabene, ook nog eens uit de kast durfde komen. Ik moet steeds de neiging onderdrukken om er een zoekplaatje van te maken. Zoek Jan-Kees de Jager, de huidige demissionair-minister van financiën! De foto is van een klasje van de christelijke school in Kapelle in het schooljaar 1978-1979. Met een mooie tijdgebonden meester Pijpelink. Okay, de middelste rij, zittend, helemaal links, met die bolle, lachende toet.</p>
<p>Fascinerend, zulke foto&#8217;s. Ik kan nog doorgaan, maar doe dat niet. Koop het boek maar, da&#8217;s makkelijker. En&#8230; het volgende deel is al in voorbereiding. Aagtekerke, het is maar dat u het weet.</p>
<p><em>C. van den Bovenkamp: Uitgebeeld verleden van Kapelle-Biezelinge &#8211; 154 foto&#8217;s, 22,50 euro.</em></p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/fotoboeken/uitgebeeld-verleden-van-kapelle-biezelinge/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De avond van de poëzie</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/poezie/de-avond-van-de-poezie/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/poezie/de-avond-van-de-poezie/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 14 May 2012 15:56:31 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Poëzie]]></category>
		<category><![CDATA[André van der Veeke]]></category>
		<category><![CDATA[Emma Burns]]></category>
		<category><![CDATA[Jorien Brugmans]]></category>
		<category><![CDATA[Tijs van Bragt]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2962</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>Ik kan op dit weblog geen goede kalender in het leven roepen. Vandaar dat ik aankondigingen als &#8216;gewone&#8217; berichten meeneem. Dan bent u toch op de hoogte en kunt u zelf &#8211; in dit geval &#8211; zaterdag 14 juli 2012 &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/poezie/de-avond-van-de-poezie/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/posteravondpoeziegroede.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2963" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/posteravondpoeziegroede-186x300.jpg" alt="" width="186" height="300" /></a>Ik kan op dit weblog geen goede kalender in het leven roepen. Vandaar dat ik aankondigingen als &#8216;gewone&#8217; berichten meeneem. Dan bent u toch op de hoogte en kunt u zelf &#8211; in dit geval &#8211; zaterdag 14 juli 2012 met rood in uw agenda omcirkelen. Dan is er een dichtersavond in de sfeervolle kerk van Groede. Met Jorien Brugmans, André van der Veeke, Emma Burns en Tijs van Bragt. Even zoeken op dit weblog en ik denk dat u de meeste poëten één of meerdere keren tegenkomt. Een avond, leuk in het sfeervolle Groede, het dorp waar kunsten een steeds vruchtbaarder voedingsbodem lijken te vinden.</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/poezie/de-avond-van-de-poezie/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Onze vriendelijke republikeinse reis</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/geschiedenis/onze-vriendelijke-republikeinse-reis/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/geschiedenis/onze-vriendelijke-republikeinse-reis/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 14 May 2012 08:24:19 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Geschiedenis]]></category>
		<category><![CDATA[Reisgids]]></category>
		<category><![CDATA[Marcel van den Driest]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2896</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>Het is nog de tijd van koets, beurtschip en trekschuit. De tijd dus dat reizen nog echte ondernemerszin vergt. In de zomer van 1789 &#8211; het jaar van de Franse revolutie &#8211; maakten drie Middelburgse heren een reis door de Noordelijke &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/geschiedenis/onze-vriendelijke-republikeinse-reis/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverdriest.jpg"><img class="alignleft size-full wp-image-2897" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverdriest.jpg" alt="" width="179" height="253" /></a>Het is nog de tijd van koets, beurtschip en trekschuit. De tijd dus dat reizen nog echte ondernemerszin vergt. In de zomer van 1789 &#8211; het jaar van de Franse revolutie &#8211; maakten drie Middelburgse heren een reis door de Noordelijke Nederlanden. Eén van hen, Pieter Tak, hield tijdens de trip een journaal bij. Zijn verslag wordt nu bewaard in de handschriftencollectie van de Zeeuwse Bibliotheek in Middelburg. Marcel van den Driest kwam het tegen tijdens stamboomonderzoek &#8211; één van de reizigers, Cornelis van den Driessen, is een verre verwant van hem. Hij besloot het journaal uit te geven. En deed dat op een voorbeeldige wijze, onder de titel <em>Onze vriendelijke republikeinse reis.</em></p>
<p><span id="more-2896"></span></p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/driest.jpg"><img class="alignleft" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/driest-300x199.jpg" alt="" width="300" height="199" /></a>Marcel van den Driest (Oost-Souburg 1967) geniet enige bekendheid in het Zeeuwse. Hij is muziekredacteur bij Omroep Zeeland, en sinds 2005 schrijft hij gedichten onder het pseudoniem Coenraedt van Meersenburgh. Vorig jaar werd hij eerste in de categorie poëzie bij de Raadselige Roos, een wedstrijd voor amateurdichters en -schrijvers in Zuid-Nederland en Belgisch Limburg.</p>
<p>Ik heb in mijn jonge jaren een tijdlang aan de beschrijving van de handschriftencollectie in de Zeeuwse bieb gewerkt. Dat er dan nu eindelijk weer eens een manuscript uit die collectie voor een groter publiek toegankelijk wordt gemaakt, daarover zou iedereen die dit leest best blij mogen zijn. Marcel van den Driest studeerde cultuurwetenschappen. Dat stelt hem (gelukkig) in staat om het journaal goed in zijn tijd te plaatsen. Bovendien zorgt hij naast de originele tekst voor een hertaalde, voor ons nu makkelijk leesbare versie. Hij weet wat annoteren is: zo gauw je denkt hé, wat staat daar, wordt er in een noot uitleg geboden.</p>
<p>Wat overigens niet wil zeggen dat er geen vragen onbeantwoord blijven. Bijvoorbeeld: gingen meer of min bemiddelde heren (en dames?) in die tijd regelmatig op reis, bestond er zoiets als een Tour de Hollande die je als goed ingezetene van de Republiek toch wel gemaakt moest hebben? Van den Driest vertelt over de patriotse &#8216;omwenteling&#8217; in 1787 en hoe stadhouder Willem V met Pruissische hulp nog net aan het roer bleef. Over de al dan niet patriotse gezindheid van onze drie reizigers laat de bewerker zich niet uit. Maar uit het feit dat ze steeds &#8216;allervriendelijkst&#8217; worden ontvangen door &#8216;patriottisch gezinden&#8217;, zou ik toch wel een conclusie durven trekken.</p>
<p>Het opschrift van het reisverslag luidt: <em>Journaal eener reijse die de heeren Jacobus Thehoff en Cornelis van den Driessen vergezeld door Pieter Tak Anthz hebben gedaan door de Zeven Vereenigde Provintien in den jare 1789</em>. Er staat geen auteur vermeld. Maar Tak is de schrijver, weet Van den Driest zeker. Dat blijkt volgens hem duidelijk in de passages waarin Tak even alleen reist.</p>
<p>Ik vat heel kort samen wat de schrijver over de drie reizigers te melden heeft. Thehoff (1749-1815) was commies van het Comptoir Generaal Zeeland, de provinciale rekenkamer, hij woonde op de Herengracht in Middelburg, in 1783 werd hij met Cornelis van den Driessen als regent van het armenziekenhuis aangesteld. In 1795 werd hij vertegenwoordiger van Zeeland in de volksvertegenwoordiging van de Bataafse Republiek. Cornelis van den Driessen was met zijn 52 jaar de oudste van de drie reizigers en zou snel daarna, 22 april 1790, overlijden. Hij woonde in de Lange Delft in Middelburg. Van beroep was hij verhuurder van rouwmantels en pellen &#8211; baar- of doodskleden. Pieter Tak was 31 jaar ten tijde van de reis, in enkele bronnen wordt hij als makelaar in effecten vermeld.</p>
<p>De drie heren vonden in de obligatieloterij van de stad Middelburg in 1788 een aanleiding om op reis te gaan. Thehoff was daarvan mededirecteur. Op pagina 13 wordt uitleg gegeven: ,,Zo&#8217;n obligatieloterij was een lening met een loterij-element. Om het extra aantrekkelijk te maken op de obligatie in te schrijven, waren op de helft van het aantal loten premies uitgeloofd. Het nummer van het gekochte waardepapier was tevens lotnummer.&#8221;</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/makkum.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2936" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/makkum-300x244.jpg" alt="" width="300" height="244" /></a>(illustratie: Oene Romkes de Jongh, schilderij met voorstelling van het Sloterdijckhuis te Makkum, 1850-1884). De reis gaat in eerste instantie naar het kantoor van Pieter Stadnitski in Amsterdam, waar de loten waren verkocht. Daarna reizen ze door Noord-Holland, steken de Zuiderzee over naar Leeuwarden, en reizen verder naar Groningen, Assen, Zwolle, Kampen, Barneveld, Amersfoort en Utrecht, vervolgens weer naar Amsterdam, en dan via Leiden en Den Haag terug naar Middelburg &#8211; van 19 juni tot 19 juli 1789.</p>
<p>Tak schreef elke dag. Het gezelschap had een druk programma. Ze bezochten kerken, zieken- en armeninstellingen, hadden oog voor begrafenisgewoonten, hadden belangstelling voor architectuur (oude of nieuwe smaak). Tak schreef ook regelmatig over de bestrating, vertelde over de &#8216;beklinkering&#8217; &#8211; dat was in die tijd van veel onverharde wegen een logisch item. Het weer zat tijdens de reis niet echt mee. Het onweerde vaak, het regende veel, nou ja, een redelijk normale Hollandse zomer dus. Het kolfspel was een populair tijdverdijf &#8211; zoals tijdens de eerste stop in Amsterdam (pag. 36): ,,Intussen rookten wij aldaar in een herberg een pijp tabak, vermaakten ons wat op de kolfbaan en verversten ons eens.&#8221; In een noot wordt uitgelegd dat het een spel is, waarbij een bal met een slaghout tegen een paal moet worden geslagen. </p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/huysamersfoort.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2953" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/huysamersfoort-241x300.jpg" alt="" width="241" height="300" /></a>(illustratie: G.A. Meijsenheijm tekening, J.A. le Champion graveur &#8211; Gezicht van het huys van de heer B. Cohen à Amersfoord, 1759-1800).</p>
<p>De vraag is natuurlijk, of het reisverslag van Pieter Tak een duidelijk beeld geeft van de Republiek in haar nadagen. Dat vind ik tegenvallen. Zoals je wel vaker ziet, heeft de schrijvende reiziger geen aandacht voor wat voor hem &#8216;gewoon&#8217; is, maar voor ons &#8211; ruim twee eeuwen later &#8211; bijzonder is. Ik zou best wat willen lezen over kleding, eten, omgangsvormen, interieurs, en zo meer. Op al die terreinen laat de reisschrijver weinig horen. Her en der zie ik wel meldingen over al dan niet vriendelijke bediening op overnachtingsadressen en in koetsen en op schepen. Bijvoorbeeld op pagina 64, over de tocht door Utrecht: ,,Hier zouden wij een afslag genomen hebben naar Zeist bij [onleesbaar], maar de onvriendelijkheid van de koetsier was de oorzaak dat men hiervan afzag en de reis direct op Utrecht vervolgde (&#8230;)&#8221;</p>
<p>Toch komt de tijdgeest in het reisverslag regelmatig om de hoek piepen. Tak heeft belangstelling voor verlichte &#8216;geesten&#8217; &#8211; pag. 50 in Friesland: ,,Wij bezichtigden voorts het huis van de heer De Vries waar zijn edele &#8216;s winters woont, op kamers een kamer met anatomische liefhebberijen, geraamten, kinderen op sterk water, onder andere twee kinderen die aan elkaar gegroeid zijn en allerlei soorten van instrumenten. Op een andere kamer vond men twee kassen met fraai porselein, in de ene blauw ouderwets, in de andere met Japans, alles om ter keurigst.&#8221;</p>
<p>We komen ook te weten hoe er tegen joden wordt aangekeken. Als ze achtergrondmuziek verzorgen, is er weinig aan de hand. Maar als medereizigers&#8230; Pag. 52: ,,Wij vertrokken dan (&#8230;) in gezelschap van een dominee, zijn vrouw en moeder en verdere lui, onder andere ook enige joden en jodinnen die men, omdat er op deze schuiten geen appartementen waren ook dulden moest, maar wel zo ver verwijderd mogelijk.&#8221;</p>
<p>Het roemruchte voorval bij Goejanverwellesluis in 1787 &#8211; de aanhouding van prinses Wilhelmina, echtgenote van stadhouder Willem V &#8211; komt ter sprake als er op weg naar Hoorn een koopman aan boord van de trekschuit komt, die ,,zeer veel verhaal had over het arresteren van de prinses te Schoonhoven, omdat hij destijds als officier zelf de wacht had; dat het niet was gebeurd op een honende wijze, zoals men lasterlijk verteld heeft, maar met alle distinctie aan haar persoon verschuldigd, en dat hij ook omgekeerd over de behandeling van de prinses, voor zichzelf geen reden tot klagen, maar veel waardering had.&#8221;</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/herberg-amsterdam.jpg"><img class="alignleft size-full wp-image-2958" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/herberg-amsterdam.jpg" alt="" width="250" height="178" /></a>(illustratie: E. Maaskamp (uitg.) &#8211; Nieuwe Stads-Herberg te Amsterdam, 1780-1834).</p>
<p>Er komen andere tijden aan. Dat is niet alleen voelbaar in het patriotse denken, maar ook in de in ernstig verval verkerende Oost-Indische Compagnie. Een heer, die dertien jaar in de Oost &#8216;kapitein van de kaneel&#8217; was geweest, laat geen misverstand bestaan over waar de oorzaak van de neergang moet worden gezocht. Pag. 65-66: ,,Tot verbetering dacht hij dat niets geschikter was om de traktementen van predikanten, militairen en matrozen te verdubbelen en die van alle ambtenaren in te trekken, omdat die van de emolumenten voldoende konden leven en dat men vacatures niet vervulde met gunstelingen en vele weetniets, of lichtmissen die men van hier daarheen zendt (&#8230;)&#8221;</p>
<p>Het slot: ,,Zeer vriendelijk namen wij van de anderen afscheid en een ieder begaf zich naar zijn huis en vrienden en zo eindigde onze vriendelijke republikeinse reis&#8221; (pag. 75). Ik heb steeds de neiging om aan republikeins een politieke lading mee te geven. Dat is in dit geval niet nodig. Het is een reis door de Republiek van toen. Een bijzonder reisverslag. Ik ben blij dat Marcel van den Driest zijn voorouders in kaart wil brengen. Wie weet wat hij in de toekomst nog voor moois tegenkomt.</p>
<p><em>Pieter Tak: Onze vriendelijke republikeinse reis &#8211; bewerkt door Marcel van den Driest, Uitgeverij Free Musketeers, 166 pagina&#8217;s, met illustraties, 18,95 euro.</em></p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/geschiedenis/onze-vriendelijke-republikeinse-reis/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Schuld</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schuld/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schuld/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 11 May 2012 07:21:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Proza]]></category>
		<category><![CDATA[Atie Vogelenzang]]></category>
		<category><![CDATA[Wendela de Vos]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2922</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>Filmmakers weten Zeeland gemakkelijk te vinden. Het platteland, de luchten, de stilte, de mensen. Zo wordt de verfilming van Boven is het stil van Gerbrand Bakker voor een belangrijk deel in Zeeuws-Vlaanderen gedraaid. Ook voor de nieuwe film Het Bombardement (Rotterdam &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schuld/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverschuld.jpg"><img class="alignleft" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverschuld-189x300.jpg" alt="" width="189" height="300" /></a></p>
<p>Filmmakers weten Zeeland gemakkelijk te vinden. Het platteland, de luchten, de stilte, de mensen. Zo wordt de verfilming van <em>Boven is het stil </em>van Gerbrand Bakker voor een belangrijk deel in Zeeuws-Vlaanderen gedraaid. Ook voor de nieuwe film <em>Het Bombardement</em> (Rotterdam 1940 &#8211; met Jan Smit) vond regisseur Ate de Jong locaties in met name Sas van Gent. Boekschrijvers verplaatsen zich minder gemakkelijk naar het Zeeuwse. Het schrijversduo Atie Vogelenzang en Wendela de Vos doet dat wel. Hun nieuwe literaire thriller speelt grotendeels in Westkapelle.</p>
<p><span id="more-2922"></span></p>
<p>Rolf Bosboom sprak met de auteurs. In de PZC van vrijdag 11 mei 2012 verscheen zijn verhaal op de cultuurpagina.</p>
<p>*******************************************</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverschuld.jpg"></a>Nieuwe literaire thriller van schrijversduo Tupla M. speelt  in Westkapelle</p>
<p><strong>In Zeeland viel alles op z&#8217;n plek</strong></p>
<p>De literaire thriller <em>Schuld</em>, die donderdag 10 mei 2012 officieel werd gepresenteerd, speelt zich af in Westkapelle. Het boek is geschreven door Tupla M. Achter dit pseudoniem gaat het Amstelveense duo Atie Vogelenzang en Wendela de Vos schuil.</p>
<p>door Rolf Bosboom<br />
Bij elk boek doen ze grondig ‘veldonderzoek’. Voor <em>Schuld</em> verbleven ze dan ook regelmatig in Westkapelle. ,,We leren de omgeving zo goed kennen, dat we soms heimwee voelen als we weer weggaan”, zegt Atie Vogelenzang. ,,Toen we <em>Schuld</em> in handen hadden, zei ik tegen Wendela: ik heb toch zo’n zin om weer even naar Westkapelle te gaan en lekker over de dijk te lopen. Door zo’n boek is er voor altijd een connectie met zo’n plaats. Het heeft iets magisch.”<br />
Het is inmiddels hun vijfde gezamenlijke boek, na het debuut <em>Vrouwelijk Naakt </em>(bekroond met de Schaduwprijs 2006), <em>Een kwestie van tijd </em>(2007), <em>Speeddate </em>(2008) en <em>Meer dood dan levend </em>(2010). Voordien was Vogelenzang al geruime tijd actief als schrijfster. De Vos komt uit het theatervak, maar koos uiteindelijk voor een bestaan als jurist. ,,Maar het leek wel alsof daarmee al mijn creativiteit op slot kwam te zitten.”<br />
Tijdens een vakantie in 2003 ontstond, geïnspireerd door de Nicci French-boeken, het idee om een keer samen iets te schrijven. De Vos was aanvankelijk wel ‘een beetje kopschuw’, zegt Vogelenzang. ,,Wendela komt uit een beroemde schrijversfamilie (haar grootvader is Herman Heijermans) dus ze had de lat voor zichzelf erg hoog liggen. Het compromis dat we sloten om het samen schrijven toch mogelijk te maken was: een pseudoniem en geheimhouding tot een eventueel eerste boek een feit was. En dat is gelukt.”<br />
Dat pseudoniem werd Tupla Mourits. ,,Voor ons eerste boek deden we research in Finland. Tupla betekent in het Fins: dubbel. Wij zijn dus een Dubbel-schrijver”, verklaart Vogelenzang. De Vos: ,,Na onze overstap van uitgeverij De Arbeiderspers naar VerbumCrime hadden we behoefte aan een frisse start. Mensen hadden toch vaak moeite met Tupla Mourits. Vonden het ingewikkeld. Toen werd het Tupla M., een idee van Ilse Karman, onze nieuwe uitgever. Mourits leverde ook steeds weer schrijffouten op en in combinatie met Tupla kregen we toch vaak de reactie: Tupla wie? Tupla M. is iets eenvoudiger en mensen vinden het wel intrigerend.”<br />
<a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/schuldauteurs.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2924" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/schuldauteurs-300x200.jpg" alt="" width="300" height="200" /></a>(Foto: Atie Vogelenzang (links) en Wendela de Vos vormen het schrijversduo Tupla M.)</p>
<p>Na vijf boeken in zeven jaar zijn ze steeds bedrevener geraakt in het samen schrijven. ,,We hebben vooral geleerd goed naar onszelf te luisteren en trouw te blijven aan onze uitgangspunten. Een daarvan is: schrijven wat we zelf graag zouden willen lezen. De ultieme uitdaging is om een spannend boek te schrijven en dat zo goed mogelijk te doen. Niet alleen de plot, maar ook psychologisch en qua vorm. Met gelaagde karakters die zich ontwikkelen in het verhaal. Vlees op de botten.” De Vos: ,,We hebben het idee dat we daar steeds beter in slagen.”<br />
<em>Schuld</em> gaat over het echtpaar Rik en Evalien. Na een traumatische gebeurtenis &#8211; het verlies van hun zoon Dylan &#8211; besluiten ze met hun dochter Pippa te verhuizen van Amsterdam naar Zeeland. Eenmaal neergestreken in Westkapelle, waar Rik is opgegroeid, blijkt dat ze het verleden niet zomaar achter zich kunnen laten. Bovendien wacht hun in Zeeland een weinig hartelijke ontvangst.<br />
,,We kwamen eigenlijk via een omweg in Zeeland terecht”, zegt De Vos. ,,In 2009 lazen we dat stichting Gay Sport Nijmegen aangifte had gedaan van discriminatie tegen een textielbedrijf omdat het op religieuze gronden weigerde voor hen badhanddoeken te bedrukken. Ze lieten weten een homotoernooi een ‘god-onterend evenement’ te vinden. Wij vonden dat zo schokkend, zo onverdraagzaam, zo respectloos.”<br />
,,We besloten dat het boek over geloof moest gaan”, vertelt Vogelenzang. ,,We hebben eerst rondgereden op de Veluwe, maar we raakten daar niet geïnspireerd. Op de een of andere manier voelde het niet goed. We kwamen uit bij Zeeland, juist omdat daar ook nog (streng)gereformeerde kerken zijn. In Krimpen aan den IJssel, waar ik vandaan kom, hadden we zwartekousenkerken, maar die zijn daar nu praktisch verdwenen. In Zeeland viel alles op z’n plek: de kust, de historie van Walcheren, de watersnood. De kust trekt ons sowieso heel erg.”<br />
Het boek bevat diverse verhaallijnen, die vaardig met elkaar worden verweven. ,,Wij behoren tot de schrijvers met een ‘plan’. Dat betekent veel overleggen en van tevoren uitdokteren, maar je kunt als je samen schrijft eigenlijk niet anders. Zonder afspraken werken is zoiets als samen een donker bos inlopen. Je raakt elkaar geheid kwijt”, zegt De Vos.<br />
,,Het plan is onze TomTom”, vult Vogelenzang aan. ,,Hoewel we die wel eens negeren. Dan zegt hij ‘rechtdoor’ en dan slaan we toch lekker linksaf. In ons werkplan is daar wel altijd ruimte voor. Het levert vaak mooie zijlijntjes op.”<br />
Ze sluiten niet uit dat ze in de toekomst nog eens een Zeeuws boek zullen schrijven. ,,Lezers lijken te houden van een typisch Nederlands decor. Zeeland is daarvoor uitermate geschikt. Historische stadjes, strand, zee, dijken, vuurtorens, vissershavens. Vette klei, suikerbieten, prachtige wolkenluchten, ga zo maar door. En wij zijn dol op Zeeland.”</p>
<p><em>Tupla M.: Schuld &#8211; Uitgeverij Verbum Crime, € 14,95. Zie ook <a href="http://www.tuplamourits.nl/">www.tuplamourits.nl</a></em></p>
<p><strong>****************************************************************</strong></p>
<p><strong>Fragment uit Schuld, over Westkapelle, pagina 18:</strong></p>
<p>,,Het leek of dit stadje, de nabijheid van de zee, me letterlijk lucht gaf, de wind die me dwong een kant te kiezen. Met je rug naar de zee gekeerd, keek je uit over de daken van het stadje tot ver in het achterland. Draaide je je om dan keek je uit over de Noordzee, waar zeeschepen vreemd dicht langs de kust voeren. Het water stond hoog en de aanstormende golven duwden de golfbrekers kopjeonder. Op het strand en tegen de beschoeiing van de dijk lagen trillende vlokken zeeschuim. Wandelend over de dijk voelde ik pas goed hoe gespannen ik was geweest de laatste maanden&#8230; (&#8230;)&#8221;</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schuld/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Schrijverscorner 27</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-27/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-27/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 11 May 2012 05:07:49 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Proza]]></category>
		<category><![CDATA[Schrijverscorner]]></category>
		<category><![CDATA[Wilfried Vanneste]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2872</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>De Hedwigepolder is even ondergesneeuwd in al het gekrakeel over CDA-lijsttrekkers, Franse en Griekse verkiezingen, het Kunduz-akkoord, en gaat u maar door. Maar die sneeuw zal smelten. En dan ligt de Hedwige daar weer, met wuivend graan en sappige weiden. &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-27/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/vanneste.jpg"><img class="alignleft size-full wp-image-2873" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/vanneste.jpg" alt="" width="283" height="213" /></a></p>
<p>De Hedwigepolder is even ondergesneeuwd in al het gekrakeel over CDA-lijsttrekkers, Franse en Griekse verkiezingen, het Kunduz-akkoord, en gaat u maar door. Maar die sneeuw zal smelten. En dan ligt de Hedwige daar weer, met wuivend graan en sappige weiden. Gastschrijver Wilfried Vanneste laat er in de 27ste Schrijverscorner zijn licht over schijnen.</p>
<p><span id="more-2872"></span></p>
<div dir="ltr">Wat betreft CV: Vanneste Wilfried heeft pedagogiek en onderwijskunde gestudeerd in Leuven en werkte in Torhout en Gent en ook bij de Fontys lerarenopleidingen en bij Pedagogiek. Hij is, gepensioneerd, nu woonachtig in IJzendijke. Won de publieksprijs bij Cultureel Aardenburg 2010 en publiceerde in verschillende gedichtenbundels; schrijft ook essays. Is secretaris van het Bolwerk, museum Staats-Spaanse linies (IJzendijke) en geeft nog les aan de Zeeuwse Volksuniversiteit.  </div>
<div dir="ltr">
<p><strong>*********************************************************</strong></p>
<p><strong>De Hedwigekolder. </strong></p>
<p><em>Impressies van een Zeeuws-Vlaming.</em></p>
<p><em>Drs. Vanneste Wilfried,  Het Bolwerk, Museum Staats-Spaanse linies, Ijzendijke.</em></p>
<p>Als je er bent lijkt het maar een heel klein stukje polder platgedrukt tussen het Verdronken Land van Saeftinge en het bijna verdronken Vlaamse polderland bij Doel. Een mooie wandelroute op het scherp van de grens tussen Vlaanderen en Zeeland. Je merkt niet eens in welk land je bent. Echt Zeeuws-Vlaanderen dus. Al het goede van Vlaanderen en Nederland samengebald in een strookje grond tussen België en de Westerschelde. Straks moeten de bewoners betalen om eruit te komen: tol op Vlaamse snelwegen en tol in de tunnelpijp om te ontsnappen naar Nederland.</p>
<p>De discussie (nu even stilgelegd) is op zich vreemd. Je zou verwachten dat er eerst een discussie is en dat daar een evenwichtig besluit of compromis uit voortkomt. Maar telkens opnieuw wordt die discussie gevoerd en men begint van voren af aan.</p>
<p>Of er is er meer aan de hand? Wordt hier een strijd uitgevochten die symbolisch is voor andere dossiers? Je zou het haast denken. Als er een stukje randdorp in Nederland is, dan is het Zeeuws-Vlaanderen. Klein, dorps, open, agrarisch, natuurlijk mooi… een idyllische plaats. Als je er eenmaal bent wil je er niet meer weg.</p>
<p>Maar het is dit randje Nederland tegen de Randstad. Klein tegen groot dat nog groter wil: de helft van Nederland in 1 provincie die alle randprovincies naar de marge drukt. De Koppejans maken geen kans meer op landelijke lijsten (Tweede Kamerleden dragen luizenvrije pelzen). Hier bestaat het gevoel dat de zelfverklaarde hersencentrale van Nederland beslist dat verwaarloosbare polder onder water mag staan als het zenuwcentrum maar droog blijft. En een Commissaris van de Koningin die wel voor Peijs en Vrede zorgt. Het is het verzet tegen de Randstad met Zeeuws-Vlaanderen als de kleine teen van de Zeeuwse voet die al in het water staat.</p>
<p>Het is ook de strijd van de burger tegen de verre administratie die over deze streek beslist. Nemen ze de mensen uit de streek wel ernstig? Het is een krimpregio, dus electoraal niet zo belangrijk en het is ver van Den Haag. Een administratieve uitwisseling: de Schelde dieper, zoveel hectaren onder water. Het is geen kwestie van mensen maar van administratie en handtekeningen die in beide landen en in Europa voor echt verklaard worden. Administratie geschreven op het graf van nog niet overleden bewoners. In Vlaanderen is Doel al historie.</p>
<p>Deze streek is agrarisch en boeren hebben grond nodig om te bewerken. Daartegenover staan de ecologisten die natuurbescherming en herstel erg belangrijk vinden. Elk landbouwhart bloedt als het op het water gewonnen land terug moet geven; elke natuurbeschermer lijdt als de natuur verloren gaat aan de economie. Economie versus ecologie. Wanneer voeren we eindelijk de dialoog tussen die twee en proberen we uit dit dilemma te geraken? Misschien gewoon erkennen dat die twee niet tegengesteld zijn maar wel in een spanningsveld zitten dat om evenwicht schreeuwt. Dit is niet het probleem van de Hedwigepolder maar van het ontbreken van een coherente visie op natuur en landbouw.</p>
<p>Het is ook een morele kwestie. Op de Vlaamse radio werd gereageerd op de verklaring van staatssecretaris Bleker dat de Vlamingen ompraten een (Nederlands) fluitje van een cent was. Zo gepiept. Hij bevestigde daarmee alleen het vooroordeel van arrogantie. Een coïtus interruptus van het gegeven woord.</p>
<p>Moet Nederland, moet de Zeeuwse agrarische sector opdraaien voor de haven van Antwerpen? De toegankelijkheid van de Antwerpse haven is een probleem dat historisch afgekaart was. Maar door steeds grotere schepen is meer diepgang vereist. In het weekend werd het plan bekend gemaakt van de oorspronkelijk Zeeuws-Vlaamse Ed D’Hondt over Rantzee; een globale visie op de havens van Rotterdam en Antwerpen en de Zeeuwse havens. Of het realiseerbaar is zowel technisch als politiek kan ik niet beoordelen. Maar het lijkt me de moeite van het onderzoeken waard. Eindelijk wordt er vanuit een visie vertrokken die recht kan doen aan economische, agrarische, ecologische …belangen van de inwoners. Een hoefijzer aan economie tussen Vlaanderen en Nederland. Als dat geen geluk brengt! Zo de tunnel nu nog tolvrij wordt kunnen we van  het randdorp naar de Randstad en de Rantzee. En terug. Want ik wil toch in Zeeuws-Vlaanderen blijven wonen.</p>
</div>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/proza/schrijverscorner-27/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Bel, bel (2)</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/zeeuws-erfgoed/bel-bel-2/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/zeeuws-erfgoed/bel-bel-2/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 10 May 2012 12:54:41 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Zeeuws erfgoed]]></category>
		<category><![CDATA[Jacques Cats]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2916</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>Vorig jaar oktober verscheen het lekker alternatieve klederdrachtenboek Bel, bel! van oud-journalist Jacques Cats. Dat een beetje van het gebaande pad afwijken niet altijd in dank wordt aanvaard, heeft de auteur ervaren. In een ingezonden brief &#8211; met de vraag: &#8216;kun &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/zeeuws-erfgoed/bel-bel-2/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/belbel.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2919" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/belbel-300x255.jpg" alt="" width="300" height="255" /></a>Vorig jaar oktober verscheen het lekker alternatieve klederdrachtenboek <em>Bel, bel! </em>van oud-journalist Jacques Cats. Dat een beetje van het gebaande pad afwijken niet altijd in dank wordt aanvaard, heeft de auteur ervaren. In een ingezonden brief &#8211; met de vraag: &#8216;kun je hier wat mee?&#8217; &#8211; vertelt hij over zuinige reacties op een hier en daar onschuldige knipoog.</p>
<p><span id="more-2916"></span></p>
<p><strong>Boek Bèl, Bèl! valt verkeerd</strong></p>
<p>door Jacques Cats</p>
<p>Het in november vorig jaar uitgebracht boek Bèl,Bèl! met als ondertitel ‘Zeeuwse streekdrachten in een ander daglicht’ is op plaatsen in Zeeland verkeerd gevallen. Het wordt, zo blijkt uit onderzoek, als storend ervaren dat op de voorpagina een afbeelding staat van een streekdrachtkap met twee fietsbellen als oorsieraad.</p>
<p>De Drukkerij in Middelburg kocht een aanzienlijk aantal exemplaren in van oud-journalist Jacques Cats die het boek in eigen beheer heeft uitgebracht. Directeur Dick Anbeek had hoge verwachtingen van de verkoop. ,,Eindelijk een boek dat op een andere en ook luchtige manier tegen de streekdracht aankijkt’’, liet Anbeek aan de auteur weten. Vervolgens droeg hij zorg voor verspreiding van het boek over een veertigtal verkooppunten.</p>
<p>De eerste negatieve reacties bereikten De Drukkerij vanuit Meliskerke. Daar had de eigenares van de winkel De Boekenmolen naar Cats van haar vernam, verschillende keren van bezoekers gehoord  dat ze de afbeelding op de voorpagina van het boek Bèl, Bèl! niet van eerbied voor de streekdracht vonden getuigen. ‘Ik denk aan mijn moeder, of ik denk aan mijn oma. Het is gênant om zoiets op de kaft te zetten’, citeert de uitbaatster Willy Wouters van De Boekenmolen enkele klanten. ,,Ze lieten duidelijk merken dat ze zo’n boek niet wilden kopen. Eén man was zelfs beledigd.’’</p>
<p>De winkelierster staat er zelf ook van te kijken dat de verkoop van het boek achterblijft. ,,Ik had heel goed ingekocht, want ik verwachtte er wel wat van. Het publiek zoekt het kennelijk meer in de romantiek, het levensverhaal, het rolbevestigende ook. Die humor in het boek spreekt ze waarschijnlijk niet zo aan.’’</p>
<p>Ook boekhandelaar Anthoni Fierloos van ‘Het Paard van Troje’ in Goes kent volgens Cats de negatieve signalen. ,,Ik vind zelf het boek origineel vanwege de invalsoek die nog niet eerder is gekozen. Maar ja,  je moet daar wel voor willen openstaan. Misschien vinden mensen die klederdrachtboeken kopen dit boek te modern. Soms verwachten mensen alleen wat ze willen zien.’’</p>
<p>Het blijft volgens Fierloos dikwijls gissen waarom het ene boek wel goed loopt en het andere niet. ,,Tegelijk met Bèl,bèl! is bij ons ‘Zeeuwen door de eeuwen’ uitgekomen. En dat boek heeft ook niet goed verkocht, zonder dat we weten waarom.’’</p>
<p>Fierloos noemt nog een ander voorbeeld, nu over het door tv-presentatrice Nelleke van der Krogt geschreven boek ‘Duvelsjong’ dat tijdens de vorige ‘Week van het Zeeuwse Boek’ als boekenweekgeschenk werd aangeboden. Hij had van de eigenaar van De Boekenmolen in Meliskerke gehoord dat het een slechte titel was. Klanten wilden zo’n boek niet hebben.</p>
<p>Jacques Cats had met de voorpagina waarvoor een opstelling in de etalage van goudsmid Bert van Wijk uit Middelburg model stond, juist het luchtige karakter van het boek willen onderstrepen. Bovendien zag hij in de fietsbellen als alternatieve oorsieraden een mooie combinatie met de vroeger in Zeeland veelvuldig gehoorde uitdrukking van verbazing of verrassing: Bèl, bèl! Vaak nog aangevuld met ‘’t Is toch’.  Cats zit nu voorlopig met een flinke voorraad onverkochte boeken. Hij kan er maar één ding van zeggen: ‘Bèl, bèl!’</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/zeeuws-erfgoed/bel-bel-2/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Als ketelbink naar zee</title>
		<link>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/biografie/als-ketelbink-naar-zee/</link>
		<comments>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/biografie/als-ketelbink-naar-zee/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 10 May 2012 11:09:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jan van Damme</dc:creator>
				<category><![CDATA[Biografie]]></category>
		<category><![CDATA[Marein Verhulst]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/?p=2902</guid>
		<description><![CDATA[<p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p>Het lijkt of in deze tijd een door mij langgekoesterde wens in vervulling gaat. Omdat ik pas veel te laat besefte dat mijn (groot)ouders prachtige verhalen te vertellen hadden, zijn die grotendeels verloren gegaan. Van de weeromstuit adviseer ik de &#8230; <a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/biografie/als-ketelbink-naar-zee/">Lees verder <span class="meta-nav">&#8594;</span></a></p></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt - </a></p><p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverbink2.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2909" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/coverbink2-211x300.jpg" alt="" width="211" height="300" /></a>Het lijkt of in deze tijd een door mij langgekoesterde wens in vervulling gaat. Omdat ik pas veel te laat besefte dat mijn (groot)ouders prachtige verhalen te vertellen hadden, zijn die grotendeels verloren gegaan. Van de weeromstuit adviseer ik de laatste jaren iedereen in mijn omgeving jeugdherinneringen en verhalen van oudere familieleden vast te leggen, op welke manier dan ook. Kennelijk ben ik niet de enige. Het afgelopen jaar zag ik voor dit weblog diverse boeken met privé-herinneringen voorbij komen. Telkens toch maar weer een klein stukje geschiedschrijving, denk ik dan.</p>
<p><span id="more-2902"></span></p>
<p>Het net verschenen boek van Marein Verhulst <em>Als ketelbink naar zee </em>valt van de eerste tot de laatste pagina in die categorie. Geen hoogstaande literatuur, geen diepgravend onderzoek, maar gewoon, vertellingen die een stukje &#8211; in dit geval: varend &#8211; verleden levend houden. Verhulst ging als 15-jarige in 1963 naar Rotterdam om een schip te vinden. Ik denk dat we blij mogen zijn dat hij in zijn geheugen heeft gegraven.</p>
<p>Mieke van der Jagt sprak met hem; haar artikel verscheen in de PZC van 10 mei 2012. Helaas voor Zeeuws-Vlaanderen alleen in de edities boven de Schelde.</p>
<p>************************************************</p>
<p><strong>Ketelbinkies cultuurshock</strong></p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/ketelbink1.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2903" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/ketelbink1-300x300.jpg" alt="" width="300" height="300" /></a>Marein Verhulst (foto Ronald den Dekker) is een rasverteller. Dat hij een avontuurlijk karakter heeft, draagt daar zeker aan bij. ,,Schrijf dat nou eens op”, riepen zijn kinderen. Hij ging ervoor zitten en bleef 2,5 jaar bezig. <em>&gt;Als ketelbink naar zee</em> is het resultaat.</p>
<p>door Mieke van der Jagt</p>
<p>Als Marein Verhulst als ventje van een jaar of twaalf op de dijk naar Westerschelde stond te kijken, vroeg hij zich altijd af waar die schepen heen zouden varen. En ook al wist hij het antwoord niet, hij wist zeker dat hij daar ook heen wilde. Want hoe veilig en warm het thuis in Biezelinge ook was, Marein verlangde naar het avontuur, naar verre horizonten.<br />
,,In die tijd zat er dan niks anders op dan naar zee te gaan”, vertelt de gepensioneerde koopvaardijkapitein in zijn Biezelingse woning. ,,Na de ambachtsschool gaven mijn ouders schoorvoetend toestemming om te gaan varen. Ik was nooit verder geweest dan Bergen op Zoom met de trein, en plotseling vond ik mezelf terug op Katendrecht, in Rotterdam, om een schip te zoeken. Het was een regelrechte cultuurshock. Nog nooit van z’n leven had ik een neger gezien, het liep daar vol met Chinezen en ik hoorde op een dag meer grote vloeken dan in de jaren daarvoor in het christelijke Biezelinge. Maar ik vond een schip, de M.S. Aagtekerk, en net zestien, was ik op weg om de kaap te ronden.”<br />
Over de enorme cultuurshock van het veilige platteland naar de ruige eerste zeereis als ketelbinkie, gaat het boek dat Marein Verhulst op aandringen van zijn oudste dochter schreef: <em>Als Ketelbink naar zee</em>.</p>
<p>,,Een ketelbink maakt de bedden op van de bemanning beneden, dus niet van de officieren. Hij maakt de wc’s schoon, haalt het eten in ketels in de kombuis, dekt de tafel, wast af en zorgt dat hij uit de slagen blijft. Gelukkig had ik op die eerste reis een goede bootsman. Hij beschermde mij en de andere heel jonge gasten. In die tijd had je nog geen buitenlandse bemanningen en om aan matrozen te komen, schakelden ze de reclassering in. Wie vier jaar moest zitten, kon er met twee jaar varen vanaf komen. Het was dus nogal ruig volk, waarmee ik om Afrika heen voer.”<br />
Hij heeft veel moeten lachen terwijl hij al schrijvend zijn geheugen raadpleegde. ,,Mijn eerste keer passagieren bijvoorbeeld. De kapitein, eentje met een houten been, had laten weten dat de ketelbink in de eerste haven, Kaapstad, mee mocht naar de bioscoop. Nou, zoveel films had ik nog niet gezien. Dus ik mee in een taxi. Na een lange rit kwamen we in een hutje, drie bij drie met grote ratten en een bed. Er verscheen een negerin, zo lelijk, dat had ik nog nooit gezien. Haar tepels hingen op haar buik. Ik moest steeds denken aan de zwarte, zondagse jas van mijn vader, met zo’n dubbele rij knopen. Bleek dat ik mee was om de houten poot tijdens het nummertje van de kapitein vast te houden en ritmisch mee te bewegen. Het duurde nog een eeuwigheid ook.”<br />
Marein Verhulst werd niettemin later zelf kapitein na een opleiding aan de Zeevaartschool.</p>
<p>Het boek is dus autobiografisch, al blijft het beperkt tot de eerste 17 jaar van zijn leven</p>
<p><em>Marein Verhulst: Als ketelbink naar zee - Uitgave in eigen beheer, 180 pagina’s, 16,95 euro.</em></p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/ketelbink2.jpg"><img class="alignleft size-medium wp-image-2904" src="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/files/2012/05/ketelbink2-300x224.jpg" alt="" width="300" height="224" /></a></p>
<p>(foto Ronald den Dekker)</p>
<p>Fragment pag. 102-103, over het passeren van de evenaar: ,,Inmiddels stonden de bediende en ik naast Neptunus, die een boek in zijn handen had. De bemanning stond rond ons en de twee helpers stonden om de twee passagiers. Toen die ook aanwezig waren, ging Neptunus achter de tafel staan en werden onze handen op ons rug gebonden. We kregen van Neptunus een donderspeech  te horen van zeker een half uur. Het kwam erop neer dat we respect moesten hebben voor de zee en de wind en dat we altijd moesten bidden om de hulp van Neptunus en hem elke dag moesten eren. Maar voor het zover was moest je eerst een offer aan Neptunus brengen. Deze offers zou Neptunus afnemen en zelf bepalen hoe en welke offers dat zouden worden. Een weg terug was er niet, alleen Neptunus bepaalde dat. We kregen allemaal dezelfde opdracht, waaronder de doop in het zwembad. (&#8230;) Ik was de jongste en ik moest het eerst gedoopt worden. Ik werd door de helpers naar het schavot gebracht. Dat schavot stond op een standaard en m&#8217;n polsen en m&#8217;n nek werd vastgezet in het schavot. (&#8230;) Een van de helpers kwam met een scherp mes aan dat nog eens extra met schuurpapier werd geslepen, zoals ik dat vroeger in het dorp had gezien bij de kapper. Het mes werd een paar maal over m&#8217;n hoofd gehaald en het kleine beetje haar wat er nog was werd er nu helemaal afgehaald. Daarna ging er een papperige zwarte rommel op mijn kale hoofd; het leek wel teer en de warmte ervan was dan ook goed te voelen. (&#8230;) Ze lieten me nog even staan zodat iedereen het allemaal goed kon bekijken en uiteindelijk werd ik uit het schavot bevrijd door de helpers die me vervolgens naar de trap van het zwembad begeleidden. Daar aangekomen had ik aan beiden zijden een helper. Ik moest op m&#8217;n knieën gaan zitten bij de rand van het zwembad en werd in m&#8217;n nek gepakt door de helpers. Ze drukten me met m&#8217;n hoofd onder water, net lang genoeg om niet te stikken. Dit gebeurde vijf maal. Het was niet lekker maar het voordeel was dat die zwarte rommel op m&#8217;n hoofd oploste en niet meer brandde. Toen werd ik teruggebracht bij Neptunus en moest ik een rauwe zoute haring opeten en doorslikken met jenever. Toen ik dat gedaan had moest ik kotsen waar iedereen bij stond. Wat was dat slecht. Ik heb daarna nooit meer jenever gedronken.&#8221;</p>
<p><a href="http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl">Zeeland Geboekt</a></p>]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://zeelandboeken.pzc.wegenerwordpress.nl/biografie/als-ketelbink-naar-zee/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

